maandag 3 augustus 2020

UTOPIE

Nederland is per saldo geen links land. Een linkse meerderheid is een utopie. Dat schrijft Remco Meijer in de Volkskrant.

Volgens recente peilingen staat de VVD virtueel op 39/40 zetels in de Tweede Kamer. Daarmee is zij een van de weinige  organisaties die profiteren van de coronacrisis. Een stijging met 7 zetels t.o.v. het huidige zeteltal is ruim 21 procent. Je maakt mij niet wijs dat 21 procent van het kiezersvolk ineens zwaar onder de indruk is van de denkbeelden van de VVD. Het heeft alles te maken met het feit dat de vermoedelijke lijsttrekker van de VVD de afgelopen maanden nogal vaak op de tv was te zien en dat het coalitiebeleid (niet het Ruttebeleid) m.b.t. tot de coronacrisis vrij algemeen wordt gewaardeerd.

Ik heb nooit op een partij gestemd vanwege haar lijsttrekker. Ik heb zeker 30 jaar op de PvdA gestemd. Ik was daar ook (vrij) actief lid van. Eind negentiger jaren van de vorige eeuw was de PvdA naar mijn teveel een middenpartij geworden en ging zij ook het neoliberalisme aanhangen.

Ik stapte over naar de SP. De laatste ruim 20 jaar stem ik bij elke verkiezing op de SP, behalve bij de Europese verkiezingen. Dan stem ik op D66, omdat de ideeën van die partijen over Europa het dichtst in de buurt van de mijne komen, al gaan ze wat mij betreft nog lang niet ver genoeg.

Ik heb nooit begrepen waarom veel mensen steeds weer op een andere partij stemmen. Lezen ze elke keer weer alle verkiezingsprogramma's om tot een afgewogen oordeel te komen? D66 maakt met nieuwkomer Sigrid Kaag bovendien kans juist bij PvdA en GL kiezers weg te trekken. Van mij zul je geen kwaad woord over Sigrid horen, maar ik stem toch maar op die andere vrouwelijke lijsttrekker, Lilian.

Een linkse meerderheid is inderdaad een utopie. Je hoort wel eens roepen dat de drie linkse partijen zouden moeten fuseren. Ik zou daar sterk tegen zijn. Ik heb nog de fusie van KVP, CHU en AR tot CDA meegemaakt. De grootste en conservatiefste KVP deed het steeds progressiever wordende geluid van de AR verstommen.


zondag 2 augustus 2020

BUBBELTJES

Ik moet minimaal 1,5 liter vocht pr dag innemen.  De makkelijkst manier is natuurlijk een glas onder de kraan vol tappen. Maar ik houd niet van kraanwater. Water met bubbeltjes vind ik nog gaan.

Ik heb een tijdje jus d' orange gedronken, vers geperst bij Albert Hein, maar in een halve liter zitten wel 220 kilocalorieën, dus dat moet je niet te vaak drinken.

Ik drink intussen wel vaker thee, maar daarvoor moet ik wel naar de keuken lopen, wachten tot het water kookt en dan weer met volle mok terug naar de kamer. De mok staat dan op mijn rollator en het is enkele keren gebeurd dat ik  dan weer ergens tegenaan stootte. In mijn conditie is het drogen van de vloer geen sinecure.

Dan maar overstappen naar frisdranken. Als je er goed op  let zijn er best frisdranken te vinden met weinig of helemaal geen suiker. Die hebben weer een ander nadeel: de plastic fles. Ik realiseerde mij op een gegeven moment dat ik wel erg veel plastic gebruikte.

Ik had al diverse keren een commercial gezien voor dit apparaat.
De Sodastream dus. Het is bepaald geen goedkoop apparaat, maar voor het goede doel moet je wat over hebben.

In 'mijn' winkelcentrum bevindt  zich een Mediamarkt. Daar karde ik dus heen om het apparaat aan te schaffen. Het is wel gebruikersvriendelijk. Zelfs een manueel niet zo handig type als ik kon die koolzuurcilinder moeiteloos aanbrengen en die waterflessen breng je ook zonder veel moeite aan.

Ik drukte vijf keer op de grote knop een zag het koolzuurgas in het water stromen. Verwachtingsvol nam ik de fles eruit, maar ik zag nauwelijks bubbeltjes en bij de eerste slok voelde ik geen enkele tinteling op de tong. De volgende ochtend nog eens geprobeerd. Zelfde resultaat. Had ik toch iets niet goed gedaan?

Ik ging weer naar Mediamarkt en deelde mijn bevindingen met een medewerker achter de servicebalie. Die deed niet al te moeilijk en gaf me een ander apparaat.

Weer thuis geprobeerd en had ik toen wel bubbeltjeswater? Forget it. Het leek me statistisch gezien niet aannemelijk dat toevallig ik binnen enkele dagen twee slecht functionerende apparaten had gekregen. Het apparaat verschaft gewoon een kleinere hoeveelheid bubbeltjes dan ik aangenaam vind.

Een paar uur geleden weer naar Mediamarkt. Die wilde de Sodastream wel terugnemen en mij het aankoopbedrag teruggeven.

Toen ik vanochtend een recept zocht, kwam ik ook gember tegen. Daar kun je ook thee van maken, die wellicht een aangename afwisseling met de Earl Grey zou kunnen zijn. Ik zette de gemberwortel op mijn boodschappenlijstje, evenals een limoen, want een plakje daarvan bij drie plakjes gember zou het nog lekkerder maken. Ook een theelepeltje honing zou een smaakvolle bijdrage kunnen leveren. Ik besloot de honing achterwege te laten.

Ook nu weer nam ik vol verwachting mijn eerste slok gemberthee. Nou, dat gaat  het niet worden. Ik vond het behoorlijk smaakloos. Ik vermoed dat als ik er honing bij had gedaan, ik vooral die honing geproefd zou hebben.

zaterdag 1 augustus 2020

FORS

Het aantal nieuwe coronabesmettingen groeit fors. Ook in Amsterdam gaat het hard. Zorgen zijn er over ­virusverspreidende evenementen, zoals dit weekend het Offerfeest. Wanneer is het tijd om in te grijpen?

Ik zou zeggen: grijp vandaag maar in. Gisteren was beter geweest en vorige week nog beter..

Als de jongvolwassenen uit de buurt blijven van kwetsbare mensen, is de groei minder urgent. Maar zonder grootschalige gedragsverandering is het een wetmatigheid dat de komende tijd het aantal ziekenhuis- en ic-opnamen zal toenemen.. (Onderstreping toegevoegd.

Ja, ALS! Dit schreef ik hier een paar dagen geleden: "Ik ben niet bang, maar ik maak me wel zorgen om een jongere die (zonder het te weten) besmet is tijdens de macarena (of God mag weten welke muziek ze tegenwoordig op feestje draaien) en vervolgens tijdens een moment in mijn directe nabijheid de besmetting op mij overbrengt.

En dit schreef ik half juni:

"Ieder volk krijgt de tweede golf die het verdient."

vrijdag 31 juli 2020

VERPLICHT

Volgende week wordt het in  Amsterdam verplicht een mondkapje te dragen op drukke plekken, bijvoorbeeld op de Albert Cuypmarkt en in de Kalverstraat.Ik las ergens dat een hoogleraar dat onwettig noemt, omdat het de persoonlijke vrijheid aantast.

Ik ben heel erg gesteld op mijn persoonlijke vrijheid, maar daar wil ik best een beetje van inleveren, als dat in het belang van mijn gezondheid is of ter bescherming van de gezondheid van anderen.

Onze persoonlijke vrijheid is wel eerder aangetast, maar we zijn er intussen zo aan gewend dat we het niet eens meer zo ervaren. We mogen bijvoorbeeld niet zelf uitmaken hoe we van de openbare weg gebruik maken. Je mag alleen van de rechter rijhelft gebruikmaken. Je mag het spoor niet overstekken als de bellen nog rinkelen. Er zijn plekken waar je geboden wordt links- of rechtsaf te slaan. Je bent in een vliegtuig verplicht een mondkapje te dragen, wat je er  ook van mag denken. Een man in een vliegtuig van Las Palmas naar Schiphol weigerde een mondkapje te dragen. Het cabinepersoneel, schrijft de Volkskrant, vroeg hem meerdere malen dat te doen, maar hij luisterde niet. Hij beschuldigde de stewardessen er zelfs van dat ze geen anderhalve meter afstand hielden. De man kreeg van de rechter een boete van 500 euro. Mooi!

Ik vraag me overigens af, hoe die man zonder mondkapje het vliegtuig in kon komen. Hoef je dat mondkapje pas voor te doen als je al in het vliegtuig bent? Het is toch een kleine moeite iemand die geen mondkapje draagt de toegang tot het vliegtuig te weigeren.

In de Kalverstraat en op de Albert Cuypmarkt kun je echt niet zien of iemand in jouw directe omgeving besmet is. 't Is toch wel handig om dat te weten. Als jij vindt dat het mondkapje jou persoonlijke vrijheid beperkt, blijf dan lekker thuis van je vrijheid genieten.

donderdag 30 juli 2020

Gisteren was een nogal lang blog.

Vandaag dus even niet.

woensdag 29 juli 2020

HERINNERINGEN

"Het wordt een dag met mooie herinneringen."

Dat schreef ik hier 29 juli 2019, precies een jaar geleden dus. Het was de eerste keer in (toen) 14 jaar bloggen dat ik vertelde dat het op 29 juli 'zoveel jaar' geleden' was dat Boukje was overleden. Waarom ineens twee jaar na elkaar? Gewoon, omdat ik geen mooier onderwerp om over te praten en schrijven ken dan Boukje. Vandaag is het daar dus een goede dag voor.


Dit is Boukje ongeveer 26 jaar geleden.

Vandaag is het exact 24 jaar geleden dat Boukje is overleden. Mensen vroegen/vragen wel eens of ik ermee heb leren leven. Mijn reactie is dan: "Nee, ik heb geleerd ermee te functioneren." Voor mij zou 'geleerd ermee te leven' betekenen dat ze uit mijn leven verdwenen zou zijn. Dat is ze niet en dat zal ook niet gebeuren. Shakespeare schreef in een van zijn sonnetten:
“De dood zal jou niet in zijn schaduw krijgen,
Wanneer jij in mijn zinnen blijft bestaan."

(Vertaling van Arie van der Krogt.)

Er gaat nauwelijks een dag voorbij dat ze niet in mijn gedachten is, (al is het alleen maar omdat ik elke dag die foto zie als ik mijn laptop open). Soms een enkel moment, soms wat langer, zoals vandaag.

Kort voor haar overlijden hebben we nog gesproken over cremeren of begraven. Ik heb toen gezegd: "Als je begraven wil worden, dan gebeurt dat ook, maar ik zal nooit naar je graf komen." Ze is gecremeerd. Er staat nergens een urn met as. Die is in zee uitgestrooid. Ik weet dat veel mensen troost vinden in het bezoek aan het graf van een geliefde. Ik zou niet weten waarom ik naar een specifieke plaats op een kerkhof zou moeten gaan om daar mooie herinneringen aan Boukje te hebben. Die heb ik veel en overal.

Ik zit vandaag echt niet de hele dag treurig te wezen. Integendeel, ik heb zoveel mooie herinneringen aan ruim 29 jaar samenleven met Boukje. Ik heb hier wel eens geschreven over de vakanties die we samen doorbrachten in Zweeds Lapland en over die vakantie die ik daar alleen heb doorgebracht en die ik één van mijn mooiste vakanties noemde. Een tijdje geleden bedacht ik dat, als ik iets zou kunnen overdoen, ik die vakantie zou overdoen en er met Boukje heen zou gaan. Er waren (tijdens de enige van 15 vakanties daar) dat jaar geen muggen en het was negen dagen op rij schitterend, zonnig weer. Ik stelde me toen voor dat we zouden doen wat ik toen in mijn eentje deed: lopen, tentje opzetten, kleertjes uit en in de zon liggen. In die tijd (juni/juli) heb je in het hoge noorden veel zonuren op één dag. Het wordt ’s nacht alleen wat donkerder, omdat de zon achter de bergen verdwijn. Om middernacht is het nog licht genoeg voor het maken van foto’s (zonder flits).

Ik heb in Lapland twee keer (heel snel) een naaktfoto van Boukje gemaakt, maar dat was nog op zo’n rolletje dat ontwikkeld en afgedrukt moest worden. Ik had er in die imaginaire vakantie ik weet niet hoeveel kunnen maken, want op een digitale camera kan je heel wat foto’s kwijt. (Ik zou trouwens zo’n foto hier niet laten zien.) We hadden in de open lucht kunnen vrijen, want er was in de wijde omtrek toch geen mens die er aanstoot aan zou kunnen nemen. We hebben 'het' trouwens twee keer in de open lucht gedaan, één keer ergens op de Veluwe en één keer in Schotland, in de buurt van Loch Ness. (Honi soit qui mal y pense.) Ik vind het overigens helemaal niet erg dat ik geen smartphone vol (al of niet naakt)foto’s van Boukje heb. Die foto hierboven heb ik ook op mijn smartphone. Dat vind ik genoeg. Hoe mooi ze er verder nog uitzag weet ik nog heel goed.

Kortgeleden schreef ik hier wat onze mooiste vakantie samen was.

Ik schrijf hier altijd over Boukje. Zij vond dat een naam voor een kleutermeisje en wilde Bouk genoemd worden. (Haar tweelingzus Sjoukje noemde ik toen en nog steeds Sjouk, net als iedereen die haar kent.) Daar hield ik me dus aan, behalve op die momenten, dat ik weer extra veel van haar hield. Vanaf de eerste keer dat ik hier over haar schreef noemde ik haar Boukje en dat zal ik blijven doen. Ik noemde haar ook wel eens bij een koosnaam, die spontaan tot stand kwam tijdens onze eerste vakantie in Lapland. Ik gebruikte die naam nooit in gezelschap, omdat ik ontdekt had dat als je dat maar vaak genoeg doet, anderen diezelfde naam gaan gebruiken en dat wilde ik per se niet. Ik heb heel vaak gedichtjes (nou ja, rijmpjes) geschreven die ik “Hum for …“ (Boukje dus) noemde, naar Winnie the Pooh, die vaak rijmpjes maakte die hij hums noemde. Ik schreef ze ook altijd in het Engels.

Nou zeg, ik ben wel persoonlijk bezig vandaag. Dat doe ik hier zelden, maar het gaat wel over Boukje. We gingen wel eens apart op vakantie. Ik weet niet meer over welk jaar ik het nu ga hebben. Ik ging met een vriend naar Lapland, Boukje ging naar Frankrijk met een vriendin. Haar vakantie bestond uit 's ochtends (een cursus) aquarelleren en 's middags iets doen in de omgeving. De heen- en terugreis gingen per bus, van en naar Den Haag Centraal. Wij brachten elkaar nooit weg naar en haalden elkaar nooit op van vliegveld of station, als we apart op vakantie gingen. Afscheid nemen en elkaar weer ontmoeten deden we liever thuis, in de privé-sfeer. Het ging buitenstaanders niets aan hoe we dat deden. Voor ons geen “Goodbye Hello”.

Die avond had de man van die vriendin hen met zijn auto opgehaald van het station Den Haag Centraal. Ze dronken nog even koffie bij ons. Ik merkte al gauw dat Boukje me iets wilde vertellen. Ik had geen idee wat, maar ze wilde er duidelijk mee wachten tot we met ons tweeën waren. Ik vroeg dus niets.

Vooraf moet ik nog zeggen dat Boukje niet kon liegen of smoesjes vertellen. Dat had niets te maken met een zeer verheven moraal. Ze kon het gewoon niet. Ze had het idee dat wanneer ze loog, of een smoesje vertelde, of iets belangrijks achterhield, iedereen dat direct aan haar kon zien. Ze zou gaan blozen, of zo.

Nadat die vriendin en haar man vertrokken waren, kwam direct het hoge woord eruit: ze was verliefd geworden, had met die man gevreeën en wilde hem blijven ontmoeten. Ze wilde absoluut niet bij mij weg, want ze hield niet plotseling minder van mij. Ze wilde die ander ook.

Het was geen bekentenis. Het had niets te maken met "Ik heb iets verkeerds gedaan. Wil je het me vergeven?" Boukje vertelde gewoon open en onverbloemd wat er gebeurd was en wat ze van plan was. Het was Boukje in optima forma.

Hij heette Han en was een jaartje ouder dan ik. Hij was gescheiden en had een puberdochter waarmee Boukje het, bleek later, heel goed kon vinden. Hij was een enthousiast zeiler en had een eigen zeewaardig jacht. Boukje heeft dus diverse weekenden gezeild, niet op zee, maar op het Haringvliet. (Hij woonde in Middelharnis.) Uit de, latere, verhalen van Boukje bleek dat hij in sommige opzichten niet veel van mij verschilde.

Ik heb niet lang hoeven nadenken. Mijn primaire reactie was, dat van haar houden en met haar samenleven voor mij niet betekende dat ik háár leven en háár keuzes daarin zou willen, kunnen of mogen bepalen. Ik heb nooit gezegd dat ze iets moest doen of juist moes laten. (Dat zou ze trouwens, terecht, niet gepikt hebben.) Ik had uiteraard het volste recht mijn eigen keuzes te maken in reactie op de hare. Dat heb ik ook gedaan. Ik was niet boos. Ik was niet verdrietig. Ik voelde mij niet tekortgedaan of veronachtzaamd. Ik had niet iets van ‘Hoe kun je MIJ dit aandoen?’

Ik zou boos geworden zijn als ze niets verteld had en ik er op een of andere manier toch was achter gekomen, maar dat was hoe dan ook ondenkbaar. Dat paste domweg niet in onze relatie. Ik zou verdrietig geweest zijn als ze me verteld had dat hij haar veel beter begreep dan ik, dat ze bij hem veel meer kwijt kon dan bij mij. Ik zou doodongelukkig geweest zijn als ze ervoor gekozen had bij me weg te gaan. Maar het was allemaal heel simpel: ze was gewoon zichzelf en zo was ze de vrouw van wie ik hield en zonder wie ik niet wilde leven. Dat heb ik haar gezegd. Over consequenties voor onze relatie hoefden we het niet te hebben. Die waren er niet. Ik ben er nog altijd van overtuigd dat als ik Boukje toen gevraagd had ermee te stoppen, ze dat inderdaad gedaan zou hebben. Ik heb het geen moment overwogen. Boukje heeft in een later stadium nog wel eens bezorgd gevraagd of ik het echt niet erg vond. Het antwoord was steeds hetzelfde: ”Nee.”

Boukje ging ongeveer één keer per maand een weekend naar hem toe, soms wat langer. Ja, dan zat ik in mijn uppie. Vond ik dat erg? Nee, ze ging wel eens vaker een weekend zonder mij weg of ik zonder haar. Ik kon en kan altijd nog goed al¬leen zijn. Na een jaar of drie heeft Boukje eigener beweging een eind gemaakt aan die relatie, omdat ze het uiteindelijk toch te moeilijk vond met een 'dubbele loyaliteit' te leven en het voor haar geen vraag was met wie ze wilde doorleven. Ik was het alweer vergeten, maar toen ze na het eerste weekend bij hem terugkwam, zei ze dat ze het heel aardig had gevonden dat ik toen ze wegging “Prettig weekend” had gezegd.

Ik vertel dat allemaal niet om te laten zien hoe ruimdenkend ik ben, maar om duidelijk te maken hoe onze relatie was. Ik heb het al eerder verteld aan mensen in mijn directe omgeving. (De meeste begrepen er niets van). Hans Andreus schreef in zijn gedicht “Voor een dag van Morgen”:
“(…) zeg het aan geen mens,
ze zouden je niet geloven.
Ze zouden niet willen geloven dat
alleen maar een man
alleen maar een vrouw
(…) zo liefhad
als ik jou.”

“Death ends a life, but it does not end a relationship.”

PS

Dit is de Beggartalk met het nieuwe recordaantal woorden (boven dit PS): 1715, maar ik zou nog veel meer over Boukje kunnen schrijven.

Dit is de laatste foto die van Boukje is gemaakt, kort voor haar overlijden.







dinsdag 28 juli 2020

INFLUENCERS

Veel mensen, met name jongeren, halen hun informatie over wat er zo al gebeurt in de wereld in het algemeen en in dit land in het bijzonder niet meer uit de traditionele geschreven en audiovisuele media, maar uit de sociale media. In dit verband is het beeld bijna iconisch van de vrouw die op de vraag waar ze haar kennis over toewijzing van woningen aan immigranten, i.p.v. aan lang wachtende Nederlanders, vandaan haalde, antwoordde "Van Facebook."

Ik vermoed dat hier een belangrijke rol wordt gespeeld door de zogenoemde influencers, mensen wiens teksten op de sociale media door talloze mensen gevolgd worden. Fotomodel Doutzen Kroes is zo'n influencer.  Ze heeft, las ik in Trouw, maar liefst 6,4 miljoen volgers over de hele wereld. Doutzen heeft heel wat losgemaakt met haar coronapost op Instagram. (...) Woensdag trok ze op haar account het officiële verhaal over corona in twijfel. Hebben de overheid, wetenschap, farmaceutische industrie en media niet gewoon baat bij een angstige samenleving, vroeg de superster zich af. En waarom vertellen die instanties niet dat je met vitamines en gezonde voeding je afweer tegen corona kunt ‘boosten’? De bekende zanger (ik had nog nooit van hem gehoord) Gers Pardoel weet ook hoe je het coronavirus moet bestrijden: met liefde, knuffelen en handen schudden.  

"Die instanties", lieve Doutzen, vertellen al jaren dat je "met vitamines en goede voeding" je afweersysteem kunt boosten. Hebben al die met het virus besmette en eraan overleden mensen niet voldoende vitamines en goede voeding binnengekregen? Overigens schijnen veel bewegen, voldoende slaap, gezond gewicht en voorkomen van stress ook goed te zijn voor je afweersysteem. Vertel dat nog even in je volgende post.

Haar in het Engels opgestelde hartekreet (sic), tot dusver beloond met ruim 33.000 likes, roept de vraag op hoe schadelijk de rol van influencers is in de strijd tegen corona. Deskundigen benadrukken elke dag het belang van afstand houden, handen wassen en mondkapjes, maar zo’n fotomodel en influencer van wereldfaam maakt vooral op jonge mensen grote indruk.


Doutzen beweert natuurlijk niet zomaar iets: In haar post meldde Kroes dat ze ‘urenlang onderzoek’ heeft gedaan naar corona. (Onderstreping toegevoegd.) Dat complete outbreak management team (vertelt een insider) heeft een uurtje met elkaar zitten koffiedrinken en was er toen wel uit. Alleen nog even een adviesje voor Rutte c.s. opstellen. Dat wilde Jaap van Dissel wel doen. Rutte heeft dat adviesje aan de orde gesteld in de rondvraag van de ministerraad. Die riep in koor: 'Dat kan je best zo vertellen in je persconferentie, Mark." Dan mag je toch blij wezen dat Doutzen er uren van haar kostbare tijd voor over heeft gehad om gedegen onderzoek naar het virus te doen en laten we haar dankbaar zijn dat ze ook nog eens bereid is de aldus verworven kennis met haar 6,4 miljoen volgers te delen. 

Columnist Natascha van Weezel schreef in Het Parool: Een influencer is geen viroloog, dus laten we alsjeblieft gewoon naar het RIVM blijven luisteren. Niemand zit te wachten op een nieuwe lockdown. Die voorkom je écht niet door voor het feesten braaf je vitamientjes in te nemen. Ze had een onaangename ervaring in een restaurant gehad.

Het restaurant waar ik (...) een (1,5 meter)diner had, veranderde rond elf uur ’s avonds opeens in een feest­café. Een grote groep meisjes sprong op tafels om de macarena te dansen. Ze waren vrij dronken en hingen al zingend om de nek van andere bezoekers. Zelf kon ik nog net op tijd vluchten. Voor de deur stond een rij van een stuk of honderd feest­gangers popelend te wachten. 

Ik ben niet bang, maar ik maak me wel zorgen om een jongere die (zonder het te weten) besmet is tijdens de macarena  (of God mag weten welke muziek ze tegenwoordig op feestje draaien) en vervolgens tijdens een moment in mijn directe nabijheid de besmetting op mij overbrengt. Ik begrijp best dat jongeren er moeite mee hebben niet meer de vrijheid hebben tot het organiseren en/of bijwonen van hun (veel korter dan 1,5 meter) feestjes, maar ze beperken wel mijn vrijheid, want ik probeer het risico te ontlopen, door zo weinig mogelijk de deur uit te gaan,