zaterdag 22 november 2008

Verbieden


Van 1919 tot 1933 was Amerika 'drooggelegd', dat wil zeggen: het vervaardigen, verkopen, vervoeren, importeren en exporteren van alcohol ('intoxicating liquors') was grondwettelijk verboden. Het gebruik zelf ervan was niet verboden. Tot in de hoogste kringen werd vrolijk doorgedronken, al kon dat - afgezien van hier of daar een privévoorraadje - alleen maar illegale drank zijn. Het resultaat van de drooglegging was een enorme toename van de georganiseerde misdaad (de Maffia), die er ook nog eens steenrijk van werd.

In Nederland geldt voor weed ongeveer het zelfde wat destijds voor drank in Amerika gold, met dien verstande dat de verkoop en het gebruik in zeer kleine hoeveelheden worden gedoogd. Dit beleid heeft hetzelfde gevolg als in Amerika: de georganiseerde misdaad is er door toegenomen en verdient er miljoenen mee.

Geen mens heeft alcohol, weed en tabak nodig. Overmatig gebruik is zelfs schadelijk voor de mens. Maar omdat deze stoffen ook effecten heb die als aangenaam worden ervaren, worden ze op grote schaal gebruikt en zullen ze, ondanks alle verboden, gebruikt blijven worden.

Het aantal slachtoffers van weedgebruik valt in het niet bij de slachtoffers van het gebruik van alcohol en tabak. (In een artikel in de Volkskrant uit 2002 vond ik dat volgens het CBS in de toen tien afgelopen jaren weed en hash voor 0 dodelijke slachtoffers hadden gezorgd, alcohol voor ruim 8.000 en tabak voor ruim 230.000.) Toch wordt steeds weer opnieuw gepleit, recentelijk nog door Pieter van Geel, fractieleider van het CDA, voor afschaffing van het gedoogbeleid, dus een totaalverbod van weed en sluiting van de coffeeshops. Omdat ze in de ons omringende landen strenger zijn dan wij, is er een enorm drugstoerisme op gang gekomen en wordt 80% van 'onze' weedproductie geëxporteerd (door de georganiseerde misdaad).

De burgemeesters van 33 gemeenten waar coffeeshops gevestigd zijn gaan nu opnieuw proberen de regering op andere, soepeler gedachten te brengen. Het zal wel weer niet in het regeeerakkoord passen.

vrijdag 21 november 2008

Afkomst


Prem Radhakishun heeft er genoeg van. Rem, een Nederlander van Hindoestaanse afkomst, maakt tv-programma's, bijvoorbeeld 'Premtime'. Tijdens het maken daarvan is hij meermalen bedreigd en aangevallen door jonge Nederlanders van Marokkaanse afkomst. Gisteren heeft hij daarover een open brief geplaatst in SP!TS, die medeondertekend is door een aantal Nederlanders van Marokkaanse afkomst. Zij menen dat aan het gedrag van die groep jongeren een halt moet worden toegeroepen en gelijk hebben ze.

Hiervóór gebruik ik diverse malen de term "van ... afkomst". Rem was dinsdagavond te gast in 'De Wereld Draait Door'. Daarin zei hij nadrukkelijk niet te willen spreken over 'Marokkaanse jongeren', maar over 'jongeren van Marokkaanse afkomst'. Jort Kelder, die avond de 'sidekick' van Matthijs van Nieuwkerk, vond dat steeds zo'n 'mond vol'. Ik vind dat Rem gelijk heeft. We hebben het hier over in Nederland geboren Nederlandse jongeren. We noemen Richard Peter Stanislav Krajicek ook geen Tsjechische (ex-)tennisser. We noemen Ramses Shaffy geen Pools/Egyptische (ex-)zanger. We noemen Jebiwott Lornah Kiplagat een Nederlandse langeafstandsloopster en Brigt Rykkje een Nederlandse schaatser. Zodra 'allochtonen', waaronder zo ongeveer het hele Koningshuis, iets doen waar we om de een of andere reden trots op zijn, worden ze 'ingelijfd', maar zodra en zo lang ze iets doen - en vaker doen - wat ons mishaagt, blijven het Marokkanen of Antillianen. Zo werkt discriminatie, zowel de positieve als negatieve varianten daarvan: de eigenschappen van een enkeling of een kleine groep toeschrijven aan de totale groep. 'De Marokkaanse jongeren' moeten eens flink worden aangepakt.

Er is een groep Nederlandse jongeren die het anderen lastig maakt of nog erger: ze begaan daarbij overtredingen en misdaden. Die jongeren moeten strafrechtelijk worden aangepakt, ongeacht hun etnische voorgeschiedenis. We hebben rechters om te bepalen in hoeverre de etnische achtergrond (en alles wat daarmee samenhangt) een rol moet spelen bij het bepalen van de strafmaat. Het ritselt in dit land van organisaties, projectgroepen, task forces, clinics, workshops, symposia en individuele goedwillenden die jeugdcriminaliteit willen voorkomen en erkende jeugdcriminelen terug op het goede pad willen brengen. Als ze daarbij in die groep een aantal jongeren aantreffen die vanwege gemeenschappelijke kenmerken (lage opleiding, psychische problemen, onvoldoende intelligentie, ongeschikte ouders, flaporen, seksuele geaardheid, etniciteit of wat dan ook) een gemeenschappelijke aanpak vragen, moeten ze dat vooral doen. Het is niet discriminerend vast te stellen dat onder jeugdcriminelen jongeren van Marokkaanse of Antilliaanse afkomst buitenproportioneel vertegenwoordigd zijn. Feiten discrimineren niet. Mensen die feiten verkeerd interpreteren discrimineren.


donderdag 20 november 2008

Amber


Ruim 50.000 duizend Nederlanders hebben zich, een week nadat de mogelijkheid daartoe geopend werd, aangemeld voor 'Amber Alert', las ik in de Volkskrant. Dat betekent dat zij via sms of e-mail een bericht krijgen als er een kind ontvoerd is, met de gegevens van dat kind. De term is afkomstig uit Amerika en genoemd naar het negenjarige meisje Amber dat in de negentiger jaren van de vorige eeuw werd ontvoerd en vermoord. Het idee achter dit waarschuwingssysteem is dat 24 uur na een ontvoering de kans op signalering van het kind zeer snel afneemt.

Moeten we nu blij zijn met dit nieuwe systeem? Ik heb zo mijn twijfels. Uit onderzoek in Amerika blijkt dat 98% van de als vermist opgegeven kinderen uit eigen beweging van huis is weggelopen en zich bij familie of vrienden blijkt te bevinden. In Amerika zijn - naar schatting - in 8 jaar tijd 33 kinderen dank zij Amber Alert levend teruggevonden. Vertaald naar Nederland (al vermoed ik dat er Nederland iets minder ontvoerd wordt) zouden dat er hier 2 in acht jaar zijn. Je kunt natuurlijk zeggen: elk systeem is goed al wordt er maar één ontvoerd kind in de vijftig jaar op tijd mee teruggevonden. Maar ik zie nog wat andere bezwaren.

50.000 mensen lijkt heel veel, maar als een kind in Den Helder ontvoerd is en je krijgt daar in Winterswijk een mededeling van op je mobieltje, ren je niet direct de straat op. En laten we nou eens aannemen dat de ontvoerder zich ook bij Amber Alert heeft aangemeld. Die weet dan meteen wat hem te doen staat: het kind buiten het gezicht van anderen houden. Dan moeten we maar hopen dat hij niet in paniek raakt.

Dan heb je nog de valsmeldingen. Je ziet een kind dat naar jouw idee voldoet aan de beschrijving in de e-mail, die je de vorige avond gekregen hebt. Maar wat stond daar ook al weer precies in? Was het nu een donkerblauwe of lichtblauwe muts? 1.20 m of 1.30 lang? Voor alle zekerheid toch maar even de politie bellen. Nooit geschoten is nooit raak, toch?

Tot nu toe maakt de politie in dit soort gevallen gebruik van een politiebericht direct na de tv-journaals of van 'Opsporing verzocht', dat volgens een ouder bericht uit de Volksrant vooral oudere dames bereikt die zich niet zo vaak in de buurt van een plaats delict ophouden, aldus het landelijk Openbaar Ministerie. Een meer succesvolle methode (maar dat gaat uiteraard niet alleen om vermiste kinderen) blijkt een vermelding in het gratis ochtendblad SP!TS: Ruim 10 procent van de misdrijven die in het gratis tabloid werden behandeld, zijn dankzij de rubriek GEZOCHT opgelost.

Amber Alert wordt hier alleen gebruikt bij "urgente vermissingszaken" (onderstreping toegevoegd). Ik vraag me dan af: hoe lang heeft de politie nodig om te beslissen dat een vermissingszaak urgent is? De beslissingstijd gaat van die 24 uur af, lijkt me. Of zijn er dan al gegevens bekend over een mogelijke ontvoerder en worden die ook in de sms'jes en e-mails vermeld? Tot hoeveel valsmeldingen leidt dat dan weer?

Het lijkt zo lekker modern om overal de moderne communicatietechnieken voor te gebruiken. Het geeft een onterecht gevoel van zekerheid. Maar ja, op dit terrein is er minstens zo veel onterecht gevoel van onzekerheid.

woensdag 19 november 2008

Honger

We kijken er al nauwelijks meer van op als we op tv weer eens beelden zien van kinderen die honger lijden. Er zal in een of ander land wel weer eens een burgeroorlog of zo aan de gang zijn, of er is een natuurramp gebeurd. De kinderen (en hun ouders) komen bij elkaar in vluchtelingenkampen en worden gefilmd om ons tot goedgeefsheid te verleiden.

Veel kinderen met honger vallen pas echt op als ze dicht bij elkaar zijn. Maar 691.000 kinderen vallen niet op als ze over een groot deel van een heel continent verspreid zijn. Die 691.000 kinderen die op enig moment in 2007 honger hadden leefden in het land van de onbegrensde mogelijkheden, de Verenigde Staten van Amerika. Dat las ik in Trouw. Een onderzoek laat tevens zien dat 36,2 miljoen Amerikaanse volwassenen en kinderen of 12,2 procent van de bevolking op een bepaald moment in 2007 met honger te kampen hadden. Pas dat percentage op Nederland toe en je komt uit op ruim 2.000.000 mensen. Ik denk dat zo'n aantal tot Kamervragen en een spoeddebat zou leiden.

In de eerste zeven jaar van de periode dat George W. Bush president van de VS was is de Amerikaanse economie gegroeid, dat wil zeggen: op macroniveau. Groei is fijn, maar het zou nog fijner zijn als die groei eerlijk verdeeld werd. Maar winst verdelen klinkt in de VS naar socialisme en dat is een vies woord.

Het jaar 2008 zal geen groei van de Amerikaanse economie te zien geven. Daar mogen we wel vanuit gaan. Hoeveel kinderen en volwassenen hebben inmiddels al honger geleden? Barack Obama heeft 'verandering' beloofd. Als ik hem was, zou ik aan de basis beginnen.

dinsdag 18 november 2008

Vrijheid

Iedereen mag in Nederland een school oprichten. Dat is een uitvloeisel van onze grondwettelijke vrijheid van onderwijs. Sharon Dijksma, staatssecretaris van onderwijs, vindt dus dat zij geen (kwaliteits)eisen mag stellen aan bestuursleden van scholen. Daarnaast moet zij vaststellen dat met name bestuursleden van Islamitische scholen niet zo goed functioneren. Zo wordt geld dat is bedoeld voor onderwijs (...) vaak aan heel andere zaken uitgegeven, zoals excursies, huisvesting en leerlingenvervoer. Dat schrijft Trouw. Ook blijkt het onderwijs op veel islamitische scholen onder de maat.

Hoewel ik elke vorm van geloof bijgeloof vind, ben ik een groot voorstander van vrijheid van onderwijs in die zin, dat iedereen het recht heeft onderwijs te geven op levensbeschouwelijke basis. Ik ben er ook voor dat dat onderwijs door de overheid gefinancierd op dezelfde grondslag als het openbaar onderwijs, dat overigens net zo min waardevrij is als het bijzonder onderwijs.

Ik vind ook dat als de overheid het onderwijs financiert, zij eisen mag stellen aan de kwaliteit van dat onderwijs en aan de kwaliteit van iedereen die zich daarmee op een of andere wijze bemoeit. De leerkrachten moeten het diploma van de pabo op zak hebben, de schoonmaker moet Glorix van pure chloor kunnen onderscheiden. Als de kinderen de school verlaten, moeten zij een bepaalde hoeveelheid kennis verworven hebben. En hoe christelijk, islamitisch, joods, hindoeïstisch of antroposofisch een bestuurslid ook is, je mag verwachten, zelfs eisen, dat zhij het verschil weet tussen (kosten voor) rekenles en (kosten voor) leerlingenvervoer. Het is mij volstrekt onduidelijk wat dat te maken heeft met vrijheid van onderwijs.

Het is zeer begrijpelijk dat islamitische (dus waarschijnlijk allochtone) bestuursleden de zeer uitgebreide en ingewikkelde regelgeving op het terrein van het onderwijs nog niet helemaal door hebben. Daar kun je een cursus tegenaan gooien en/of je regelt dat de boekhouder dat netjes in de gaten houdt.

Volgende week praat de Tweede Kamer verder over de misstanden in het islamitisch onderwijs. Ik ben benieuwd.


maandag 17 november 2008

Fascisme

Tegelijk met de presidentsverkiezingen werden in diverse Amerikaanse staten volksstemmingen gehouden over allerlei onderwerpen. In Californië, Florida en Arizona werden referenda gehouden over het het homohuwelijk, of zoals dat in Amrika genoemd wordt 'same sex marriage'. In de drie staten was een meerderheid vóór het verbieden van het homohuwelijk. In Californië hebben overigens, ten gevolge van een uitspraak van het (Californische) Hooggerechtshof inmiddels al ruim 18.000 van die huwelijken plaatsgevonden.

Toevallig ontving ik deze week via e-mail de (gratis) 'Skeptic's Dictionary Newsletter', waarin een artikel staat over 'Religieus fascisme' in de VS. Nog altijd weten in een land waar kerk en staat formeel gescheiden zijn conservatieve christenen hun opvattingen op te leggen aan de gehele bevolking. De schrijver van het artikel merkt terecht op dat als deze mensen consequent zouden zijn, ze ook echtscheiding zouden moeten willen verbieden. Daar is de Here God namelijk ook geen voorstander van.

Even terecht wijst de schrijver erop dat deze conservatieve groeperingen op allerlei terreinen vaak sterk gekant zijn tegen bemoeienis van de overheid. Maar juist op terreinen als het homohuwelijk, de evolutietheorie en de abortus - om een paar christelijke stokpaardjes te noemen - moet de overheid strenge, beperkende regels stellen.

Barack Obama is tegen het homohuwelijk, maar ook tegen een (grond)wettelijk verbod ervan. Hij is wel voor het verlenen aan homostellen van diverse rechten die echtparen 'automatisch' hebben. Waar het op lijkt is dat hij niet hardop durft te zeggen wat hij werkelijk wil, omdat dat stemmen kost. In Californië stemde 57% van de zwarte kiezers tegen het homohuwelijk, tegen 52% van de bevolking totaal. Een lang gediscrimineerde bevolkingsgroep ziet er geen been in andere bevolkingsgroepen op andere terreinen te discrimineren.

President Clinton wilde destijds het verbod op homoseksualiteit in de krijgsmacht afschaffen. Hij kwam niet verder dan de regeling 'don't ask, don't tell': wij vragen niks, als jij niks vertelt.

Het eerste amendement van de Amerikaanse Grondwet begint aldus: "Congress shall make no law respecting an establishment of religion". Dat zouden die religieuze fascisten nog eens moeten lezen.

zondag 16 november 2008

Ouderschap

Onlangs had ik het met iemand over ouderliefde, of wat daarvoor doorgaat. Ik weet niet uit eigen ervaring wat ouders voelen, denken of ervaren bij of over hun kinderen. Ik neem direct aan dat het iets bijzonders is, dat mij eigenlijk niet goed kan worden uitgelegd. Dat zij zo.

In de loop der jaren heb ik uiteraard wel eens opgemerkt dat niet iedere ouder zijn/haar ouderschap, ondanks alle goede bedoelingen, tot een succes weet te maken. Sommige gaan zelfs over tot mishandeling en seksueel misbruik van hun kinderen. En als we dan eens horen of lezen over het vermoorden van eigen kinderen, denken we: de hoeveelste is dat dit jaar al weer? Kinderen worden speelballen tussen ruziënde ouders: als ik dat kind niet krijg, dan jij ook niet. Die kinderen zijn niet langer jonge mensen, van wie je verondersteld wordt te houden en voor wie je een grote verantwoordelijkheid draagt. Zij zijn statussymbolen geworden, of eigendom. Het is ook niet geheel ongebruikelijk dat met een nieuwe partner ook weer een nieuwe nakomeling verwekt moet worden. Alsof een partnerschap pas echt compleet wordt als er niet alleen een gezamenlijk huishouden, maar ook een gezamenlijk kind is.

Hoe kom ik hier nou weer op? Op de site van Trouw las ik een ANP-bericht. In de Amerikaanse staat Nebraska is in juli een wet aangenomen, de 'Safe Haven Law' (Veiligehavenwet). Dankzij die wet konden wanhopige moeders hun ongewenste kind straffeloos bij een ziekenhuis brengen in plaats van het te vondeling leggen. De staat zou zich over het kind ontfermen. Geen slechte regeling, lijkt me. Maar de wetgevers hadden in de wet geen leeftijdsgrens opgenomen. Dat leidde tot onverwachte gevolgen. Inmiddels zijn kinderen tot 17 jaar bij ziekenhuizen in Nebraska gedumpt. Ook kwam er een soort kinderdumptoerisme op gang: ouders uit staten als Florida, Georgia en Michigan kwamen hun kinderen inleveren bij ziekenhuizen in Nebraska. (...) De meeste ouders maken gebruik van de mogelijkheid hun kroost anoniem in te leveren. Het gaat veelal om kinderen met gedragsproblemen. De staat Nebraska heeft inmiddels 34 kinderen onder zijn hoede.

Ik dacht eerst aan een 'Broodje aap', maar na enig googelen vond ik talloze Amerikaanse (nieuws)sites waarop hiervan melding werd gemaakt. USA Today schrijft: "The law allows parents to leave a child at a licensed hospital without explaining why." Eén van de indieners van de wet was (staats)senator Arnie Stuthman. "We really opened a can of worms," he says. "We have a mess."

Ouderschap is voor velen ongetwijfeld iets moois. Er zijn veel goede ouders. Heel wat kinderen komen goed terecht ondanks hun ouders. Het willen hebben van kinderen is een puur egoïstische wens en daar is niets mis mee. Alleen de eerste 18 achttien jaar na de vervulling van die wens zul je dat egoïsme even moeten vergeten.