maandag 22 juni 2020

CANON

Er is een nieuwe canon van de Nederlandse geschiedenis. Het is een overzicht van wat, volgens een commissie, de belangrijkste elementen in onze vaderlandse geschiedenis zijn. De canon sluit af met een nieuw venster over het Oranjegevoel (‘sport verbindt’), dat de commissie kenmerkend acht voor de Nederlandse samenleving. Schrijft de Volkskrant.

Dat dat Oranjegevoel zo kenmerkend is voor de Nederlandse samenleving is een open deur intrappen. Geen enkel ander land heeft, bij mijn weten, iets met Oranje. Die hadden immers geen belangrijke familie die Oranje heette, waarvan de nazaten het, onder de naam Oranje-Nassau, zelfs tot staatshoofd brachten. (Ik zeg het nog maar weer eens: ons koningshuis stamt niet af van Willem van Oranje, de Vader des Vaderlands. Zijn laatste nakomeling was de kinderloos gestorven (1702) stadhouder Willem III. Hij werd na het Tweede Stadhouderloze Tijdperk (1702 - 1747) opgevolgd door de nakomeling van Johan Willem Friso van Nassau-Dietz. De leden van ons koningshuis zijn daarom allemaal prins(es) van Oranje-Nassau. We hebben geen Oranjehuis.)

Dat Oranjegevoel dat we allemaal (behalve o.a. ik dan) schijnen te hebben als er weer eens een Nederlandse sporter of sportclub een belangrijke prijs in de wacht sleept bij een EK, WK, of Olympische Spelen ('sport verbindt') is ook niet zo typisch Nederlands. Je moet de collectieve samenleving in de VS uit zijn dak zien gaan als een 'Team USA' weer eens goud binnensleept bij de Olympische Spelen. In Antigua en Barbuda, Azerbeidzjan, Guinee Bissau en Trinidad en Tobago zal dat niet veel anders zijn.


zondag 21 juni 2020

BRIEF

In principe is er niets mis met 'discrimineren'. De, volgens mij, oudste betekenis van het woord is: scheiden, onderscheid maken. Dat doen we natuurlijk allemaal, dagelijks, op een onschuldige manier. De een eet om hem/haar moverende reden geen vlees, de ander wel. Je vindt de ene medemens aardiger dan de ander. De een gaat in zijn/haar vakantie overdag aan het strand liggen en 's avonds feesten,  de ander gaat iets actiefs doen, wandelen, fietsen, kajakken in de natuur. Allemaal even goede vrienden.

Helaas heeft 'discriminatie' een heel andere betekenis gekregen: onderscheid maken op basis van een oordeel over mensen die anders zijn dan jij: man-vrouw, blank-zwart, autochtoon-allochtoon, gelovig-ongelovig etc. ad nauseam. En 'jij' behoort dan altijd tot de groep die beter is dan die andere. H.J.Eysenk schrijft in Gebruik en misbruik van de psychologie: "We hebben allemaal een bepaald beeld in ons van zekere groepen mensen, waardoor we deze groepen bepaalde identieke eigenschappen toekennen." (Je kent ze wel: de nuchtere Fries, de Bourgondische Brabander.) Helaas zijn het meestal negatieve eigenschappen die we aan 'die anderen' toekennen. Zo zijn we aangeland bij het hedendaagse begrip 'discriminatie. Je zou haast denken dat discriminatie een aangeboren eigenschap is, waarvan niemand vrij is.

De Amerikaanse zwarte dominee en burgenrechtenactivist Jesse Jackson, destijds medewerker van Martin Luther King, riep in een open brief Mark Rutte op Zwarte Piet te verbieden. Sylvain Ephimenco, columnist van Trouw schreef een open brief aan Jesse Jackson. Hij begint erop te wijzen dat de Nederlandse premier hier alleen de primus inter pares is. Hij regeert niet met oekazen, decreten en pennestreken (sic) door al gesloten verdragen, zoals dit tegenwoordig gangbaar is in uw eigen land. Nederland is een lieflijke, vreedzame en respectvolle democratie aan de Noordzee waar men een broertje dood heeft aan ­autoritarisme en despotisme. Een ministerieel nekschot van de heer Rutte op de fictieve Piet is dus ­ondenkbaar.

Ephimenco benadert Jackson zeer direct: Geachte dominee, u spreekt van het ‘morele leiderschap’ van onze premier, maar of u zelf dit bezit om deze brief neer te pennen, weet ik niet. In het verleden bent u vaker van antisemitisme beschuldigd en heeft u ooit New York een hymietown ­genoemd, wat een zeer denigrerende term is voor ‘Joodse stad’. Ook zei u in een interview dat “zionisten gedurende generaties de Amerikaanse politiek hebben gecontroleerd”. Ephimenco herinnert Jackson eraan dat die zich, vier jaar geleden, vrolijk had gemaakt met de notoire Jodenhater Jean-Marie Le Pen. Op 8 mei 2016 heeft u met deze Franse antisemiet en petit comité getafeld. Op de foto’s zien we u naast hem lachend zitten. Aan het einde van de maaltijd heeft u speciaal voor deze notoire antisemiet een autograaf getekend. De tekst luidt: “Keep hope alive, continue”.

Tja.

zaterdag 20 juni 2020

N-WOORD

In de media wordt tegenwoordig, in de discussies over racisme, vaak de uitdrukking "n-woord" gebruikt. In de VS is de uitdrukking "African American" voor zwarte Amerikanen al geheel ingeburgerd. We zouden hier natuurlijk, als we het over zwarte Nederlanders hebben, van "Afrikaanse Nederlanders" kunnen spreken, maar ik heb het gevoel dat we hier eerder van Surinaamse Nederlanders spreken. De voorouders van de zwarte Nederlanders kwamen immers niet rechtstreeks naar Nederland, zij werden slaaf in Suriname (en Caraïbische eilanden), hun nakomelingen kwamen naar Nederland. In Amsterdam wonen zo'n 12.000 mensen met een Ghanese achtergrond (onder wie de in Amsterdam geboren Akwasi). Die kunnen we dus met enig recht Afrikaanse Nederlanders noemen. (Uiteraard zijn ook uit andere 'zwarte' Afrikaanse landen mensen naar Nederland gekomen, maar daarover kon ik zo gauw geen cijfers vinden.)

Overigens moeten we constateren dat 'zwart' niet altijd zwart betekent. Op een 'zwarte' school zitten niet alleen veel zwarte kinderen, maar vaak veel meer kinderen met een Marokkaanse of Turkse achtergrond. 'Marokkaans' en 'Turks' duiden geen ras aan, maar een nationaliteit.

Wie "n-woord" gebruikt wil daarmee aangeven dat "n-woord" niet te willen gebruiken.  "N-woord" kan naar mijn mening voor twee worden staan: nikker en neger. Nikker (Engels: nigger) is onbetwist een racistisch cheldwoord en is dus terecht buiten het normale spraakgebruik geplaatst. Bij "n-woord" zal eerder gedacht worden aan 'neger'. Ik weet niet meer wanneer precies dat is begonnen, maar op een gegeven moment was het niet meer 'politiek correct' het woord neger te gebruiken. Dat werd 'zwarte'.

Ik heb dat nooit helemaal begrepen. Volgens mijn 'Etymologisch woordenboek' is het Engelstalige 'negro' afgeleid van het Spaanse/Portugese woord 'negro', dat 'zwart' betekent. (Dat was weer een afleiding van het Latijnse woord voor zwart: niger.) De Engelstaligen hebben dat woord compleet overgenomen en wij hebben daar weer 'neger' van gemaakt. Tussen 'zwarte' en 'neger' zit dus feitelijk geen verschil.

Ga ik er nu voor pleiten i.p.v. n-woord gewoon neger te zeggen? Nee! Ooit was, bijv. in Suriname, 'neger' het woord waarmee slaven werden aangeduid. Ik kan me voorstellen dat daarom zwarte Nederlanders het woord neger nog altijd als discriminerend ervaren. En als een niet-onbelangrijke bevolkingsgroep 'neger' (en 'Zwarte Piet') als kwetsend ervaren, is het voor de witte meerderheid dan zo moeilijk om daarmee rekening te houden?


vrijdag 19 juni 2020

FLEXIBEL

Werkgevers pleiten voor flexibeler arbeidsvoorwaarden in huidige en toekomstige cao’s. Die versoepeling moet bedrijven helpen te overleven in coronatijd, al zullen er offers gemaakt moeten worden. Zo begint een artikel in Trouw.

Het komt erop neer dat werkgevers hun werknemers vragen solidair te zijn tijdens zeer moeilijke tijden. Als werknemer zou je hiervoor gevoelig kunnen zijn. Je kunt beter door salaris in te leveren je bedrijf op poten houden, dan het bedrijf failliet te laten gaan (en je baan te verliezen) door strikt aan de cao te blijven vasthouden.

Dat klinkt heel redelijk allemaal, maar als ik, aan de werknemerskant, aan de onderhandelingstafel zou zitten, zou ik over solidariteit wel een tijdje door willen gaan. We kennen allemaal wel bedrijven  die, in het recente verleden, goed draaiden.  Als dank kregen de ceo's en ander hoger management een bonus op hun toch al niet zo lage salaris. Wat merkte de gewone werkvloer, die toch ook aan het succes van het bedrijf  had bijgedragen ervan? Meestal weinig tot niets.

Dus, vakbonden, als jullie bereid zijn nu salaris in te leveren, stel dan wel als voorwaarde: wanneer over enige tijd de salarissen (incl. bonus) van ceo met een bepaald percentage omhoog gaan, gaat het salaris van al het andere personeel met een zelfde percentage omhoog. Oh, dat wordt een hoop geld? Dan schroef je jou salaris toch wat omlaag. Solidariteit is zo mooi! Misschien valt er ook over het dividend nog wat te zeggen.


donderdag 18 juni 2020

PENTHOUSE

De woning meet 303 vierkante meter, heeft vijf kamers, drie badkamers, een fitnessruimte, een sauna, en bovenal een magnifiek uitzicht over Amsterdam en omstreken, vanaf de 25ste verdieping van het icoon aan het IJ. Dat schrijft Het Parool. Zo'n woning wil iedereen wel hebben, maar er zijn maar weinigen die de vraagprijs kunnen betalen. Die vraagprijs is 6,9 miljoen euro. Het gaat hier om een penthouse, een (meestal luxe) appartement op de dakverdieping (van een hoog gebouw). Dat penthouse bevindt zich op de bovenste verdieping van dit gebouw, de Pontsteiger, op de zuidoever van het IJ, in de voormalige Houthaven, zo'n twee kilometer van het Centraal Station


Ik woon, vind ik zelf, in een tamelijk riant en toch nog betaalbaar vierkamerapartement. Als ik al 6,9 miljoen euro ter vrije besteding had, dan zou ik er niet over peinzen zo'n penthouse te kopen. Wat moet ik met vijf kamers als ik er van de vier die ik nu heb er normaliter maar twee gebruik. Het is al jaren gelden dat ik een gast had die bleef slapen. Wat moet ik met drie badkamers? Wat moet ik met een eigen sauna, terwijl het in Amsterdam ritselt van de sauna's

Ooit werd de complete bovenverdieping gekocht door horecaondernemer (ook wel horecatycoon genoemd) Won Yip (o.a. bekend van Dragons' Den). Hij betaalde, las ik in Het Parool, zo’n 16 miljoen euro voor 1440 vierkante meter, waarmee het penthouse het duurste huis van Amsterdam zou zijn.

De heer Yip besloot het penthouse te verdelen. Zelf behield hij een kwart, de andere delen gingen naar  twee andere kapitaalkrachtige types. Mol, oprichter van sms-bedrijf Messagebird, zette zijn woning direct te koop voor zo’n acht miljoen euro, zonder daar ooit zelf in gewoond te hebben. Die poging strandde, waarna hij zes weken geleden een nieuwe poging waagde, deze keer voor 8,8 miljoen. Alleen al daaruit kun je opmaken, dat Yip aardig wat verdiend moet hebben  aan de splitsing van het penthouse en de verkoop van onderdelen. Twee eigenaren van penthouses hebben hun eigendom al weer te koop aangeboden. Het tempo waarin de huizen overgaan van de één naar de ander is duizelingwekkend. Evenals de waardevermeerdering.

Zo lang de exuberant handel in woningen zich beperkt tot deze vier penthouses zal dat weinig effect hebben op de totale Amsterdamse woningmarkt. Ik ben echter bang dat veel huizen op de 'gewone' woningmarkt ook gekocht worden door niet zo scrupuleuze types, die er nooit zelf in zullen gaan wonen, maar ze snel mogelijk, voor nog hogere prijs, doorverkopen of ze gaan verhuren voor prijzen die geen enkele starter op de woningmarkt zich kan veroorloven.

woensdag 17 juni 2020

KEUZES

De regering heeft in principe geen verstand van medische zaken. Het is dan ook logisch dat zij zich bij plotseling optredende crisissituaties laat adviseren door mensen die er voor doorgeleerd hebben. Ik heb sterk de indruk dat, zeker in het begin van de coronacrisis, de regering zich heel  sterk heeft  laten leiden door adviezen van het OMT (Outbreak management team) en het RIVM.

Intussen hebben ze bij het Nederlandse Vereniging voor Intensive Care (NVIC) verder gedacht en zich afgevraagd hoe de artsen/ziekenhuizen moeten handelen indien er een situatie ontstaat dat er meer 'kandidaten' voor ic-bedden zijn dan beschikbare bedden voor intense care. Dan krijgen we te maken met 'code zwart'. Dan moeten er keuzes gemaakt worden: er is nog één ic-bed  er zijn twee of meer 'kandidaten'. De NVIC heeft voor zo'n situatie een draaiboek opgesteld, waarin drie stappen staan beschreven. Bij de laatste stap wordt naar de leeftijden gekeken. Niet naar de exacte leeftijd (dus niet 72 gaat voor 73), maar naar leeftijdsgroepen. Een twintiger, die nog een heel leven voor zich heeft krijgt de voorkeur boven een tachtiger die al een heel leven achter de rug heeft.

Ik vind dat leeftijdscriterium alleszins redelijk, hoewel de kans klein is dat het in mijn voordeel zou werken. Volgens Gommers (voorzitter van de NVIC)  moet de politiek keuzes maken over welke patiënten nog een plaats op de intensive care krijgen, en welke niet. Bij talkshow Op1 zei Gommers daarover: ‘We willen daar absoluut uitblijven.’ (Schreef Elsevier.) Maar de regering is zo ver nog niet. Waarom eigenlijk niet? Vreest ze  een Malieveld of Museumplein vol ouderen die zich op basis van leeftijd gediscrimineerd voelen? Minister Martin van Rijn schrijft aan de Tweede Kamer: ‘Hoewel ik geen enkele twijfel heb aan de oprecht goede intenties, ben ik van mening dat hiermee een onderscheid uitsluitend op basis van leeftijd wordt gemaakt en dat kan ik niet ondersteunen. Voor mij, voor dit kabinet, is elk leven gelijkwaardig en als een oudere patiënt op medische gronden evenveel herstelkansen heeft als een jongere patiënt, kan hem of haar geen aanspraak op levensreddende zorg worden ontzegd.’ Eerder schreef het kabinet al aan de Kamer dat dit standpunt ‘zo nodig met regelgeving zal worden bekrachtigd’.

Mark Rutte, Hugo de Jonge en Martin van Rijn zullen waarschijnlijk nooit voor de keuze staan wie de kans moet krijgen te overleven. Die keuze moet, in het zwartste scenario, door ic-artsen diverse malen gemaakt worden. Ze hebben daarvoor, in overleg met andere discipline, waaronder medisch  ethici, een protocol opgesteld. Het minste wat je van 'de politiek' mag verwachten is dat die zich  laat leiden door de deskundigheid en betrokkenheid van hen die in de frontlinie staan.

Van mij zullen de artsen geen last hebben als er een keuze gemaakt moet worden. Al vrij kort na de uitbraak van de coronacrisis, heb ik kunnen vaststellen dat ik een goede kandidaat was voor het krijgen van de ziekte (81, copd, hartfalen). Ik heb mij toen voorgenomen, mocht ik met coconverschijnselen in het ziekenhuis worden opgenomen, te zeggen: 'Ga alsjeblieft niet hard proberen mij in leven te houden. Ik heb het wel gezien en zie geen heel gelukkige toekomst meer voor me.' 


dinsdag 16 juni 2020

HEMA

Ik ben geen trouwe bezoeker van de HEMA. Er is een filiaal in het winkelcentrum waar ik mijn dagelijkse boodschappen doe, maar ik was er al jaren niet geweest. Toevalligerwijs was ik er kort geleden om een pannetje aan te schaffen. Net als bij de verdwijning van V & D waren er veel mensen te horen die de HEMA enorm zouden missen als die daadwerkelijk zou verdwijnen. Ik heb nooit last van nostalgische gevoelens bij het verdwijnen van winkelketens. Mijn jongste broer werkte een aantal jaren naast een HEMA en was verslaafd geraakt aan de fameuze warme worst.

Wat ik wel betreur is dat de HEMA niet dreigde te verdwijnen vanwege slechte resultaten. (In 1919 een jaaromzet van 357 miljoen euro), maar door allerlei 'spelletjes' van investeringsmaatschappijen die geen bedrijf willen runnen, maar zoveel mogelijk geld willen verdienen. De Quote 5oo schreef in november 2018, lees ik in de  Volkskrant: In juni 2007 komt 'onze' Hema in handen van het Britse investeringsfonds Lion Capital. Wat een gelukkig huwelijk moet worden, draait uit op een drama. Hema worstelt ineens met een miljoenenschuld, duikt diep in de rode cijfers, klanten blijven weg, personeel en leveranciers worden uitgeknepen. (Onderstreping toegevoegd.) Ik meen ooit eens gehoord te hebben dat de investeerders het vastgoed van de HEMA verkochten. Dat geld was vast binnen. De HEMA kon vervolgens hetzelfde vasthoed weer huren. Dat leverde de investeerders ook weer een slordige duit op.

De HEMA was sinds 2018 eigendom van (de investeringsmaatschappij) van Marcel Boekhoorn. Maandag was het zover: Hema had 50 miljoen moeten betalen, maar bleef in gebreke.  Boekhoorn staat in 2018 met een geschat vermogen van 1,9 miljard op de 8ste plaats op de Quote 500. Hij had die 50 miljoen kunnen betalen met 2,63% van zijn vermogen. Zou hij dat in het dagelijkse leven gevoeld hebben? Het had hem extra onderhandelingstijd opgeleverd en zou een mooi gebaar geweest zijn in de richting van het ongeruste werknemers. Nu is er een onduidelijke groep eigenaren, de Ad Hoc Group. De deal met die Group gaat pas door als 75 procent van de schuldeisers ermee instemt. De Ad Hoc Group zelf omvat 62 procent van de schuldeisers. Alle leden van die Group zullen, vermoed ik, ieder voor zich hun stinkende best doen, om zoveel mogelijk geld uit de deal te slepen. Ik zou maar een warme worst halen nu het nog kan

Misschien moeten we toch weer eens naar Karl Marx luisteren: "De enige raderen die de politieke economie in beweging zet zijn de hebzucht en de oorlog tussen de hebzuchtigen, de concurrentie."