dinsdag 21 april 2015

TYPEMACHINE

Ik heb hier al eens geschreven dat ik geen groot bewonderaar ben van de schrijver W.F. Hermans. Gisteravond kwam hij ter sprake bij DWDDrrrrr, niet vanwege zijn literaire werk, maar vanwege zijn verzameling typemachines. Te gast was een boekhandelaar uit Gent, die die verzameling (circa 150 stuks) in zijn bezit had en tentoonstelde in zijn winkel. Voor € 60,00 kon je zo'n ding 'adopteren'.

Je hebt mensen die postzegels verzamelen, of sigarenbandjes, of theezakjes. Waarom zou iemand dus geen typemachines  verzamelen? Maar wat is er nou zo bijzonder aan een typemachine die W.F. Hermans heeft verzameld? Slechts vier van die hele verzameling heeft hij daadwerkelijk gebruikt voor het schrijven van zijn boeken. Ook voor een van die vier exemplaren zou ik geen cent over hebben.

Ik heb alle boeken die A. Koolhaas heeft geschreven. Ik heb 'The Lord of the Rings' en 'In de Ban van de Ring' in diverse uitvoeringen, maar de pen(nen) waarmee deze werken geschreven zijn doen me niets. Rembrandt en Van Gogh hebben ongetwijfeld heel wat penselen gebruikt voor het schilderen van hun meesterwerken, maar zijn die penselen, als die nog te traceren zijn, iets waard?

De meeste hedendaagse schrijvers zullen hun werk op een pc schrijven en hun concepten wellicht printen. Zijn over pakweg twintig jaar hun pc's en printers (en eventueel hun tablets of smartphones) ook collectors items?

maandag 20 april 2015

AFSCHEID

Er is geen stadium V.' Met die woorden vat Sarie Vervoort haar kankerdiagnose (niet-kleincellig longcarcinoom, stadium IV) samen. Ze gaat sterven. In plaats van een behandeling kiest ze voor een reis: terug naar het Zweedse Öland waar zij en haar man Barend elkaar ooit ontmoetten, in de zomer van 1968. Het wordt een wonderbaarlijke reis. In het idyllische zomerlandschap waar ze indertijd verliefd werden, moeten ze nu afscheid nemen. Stadium iv is een verhaal over twee mensen die hun liefde in onmogelijke omstandigheden staande proberen te houden.

Dat schrijft Bol.com bij het boek 'Stadium IV' van Sander Kollaard. Het werd zaterdagochtend besproken in de Tros Nieuwsshow. De situatie die het boek beschrijft is me helaas maar al te goed bekend. Wil ik dat boek lezen? Moet ik dat boek lezen?

Ik weet niet of de schrijver uit ervaring spreekt. Dat hoeft natuurlijk niet. Homerus heeft niet meegevochten bij Troje. Cervantes heeft niet tegen windmolens gevochten. Beiden hebben nochtans zeer lezenswaardige verhalen geschreven. De plaats "waar zij en haar man Barend elkaar ooit ontmoetten," ligt op een eiland voor de Zweeds Zuidwestkust. Boukje en ik hebben elkaar ook op een eiland ontmoet, Texel, waar in ieder geval ik acuut stapelverliefd werd. Bij Boukje duurde dat ietsje langer.

Wij gingen niet terug naar Texel om afscheid te nemen. Boukje heeft de tijd die haar nog restte gebruikt om van anderen afscheid te nemen. Wij hebben eigenlijk nooit afscheid van elkaar genomen. Ik heb daarover, al weer lang geleden, geschreven. Ik zou het nu nog precies zo kunnen schrijven. Dat boek ga ik niet lezen.


zondag 19 april 2015

GESTOORD

Toen we in Den Haag woonden gingen we enkele keren per jaar naar het strand bij Kijkduin. Veel mensen laten het bij bezoek aan het strand niet bij alleen maar in de zon liggen. Ze zijn actief, slaan bijvoorbeeld balletjes heen en weer of ze doen iets met een frisbee. Behoorlijk populair is ook volleyballen. Daaruit is zelfs een sport ontstaan die op wereldniveau beoefend wordt: beachvolleybal.

Van 27 juni t/m 2 juli wordt in Nederland het WK Beachvolleybal gespeeld. Nederland heeft heel veel strand, dus waar wordt dat WK gespeeld? In Den Haag, Rotterdam, Apeldoorn en Amsterdam!

Den Haag heeft aardig wat strand, maar daar wordt niet gespeeld. Dat doen ze op een 'stadion' dat op de Hofvijver drijft. Logisch, toch?

Rotterdam en Apeldoorn zijn geen typische kustplaatsen met een florerend strandleven.

Amsterdam heeft hier en daar een kunstmatig strand, bijvoorbeeld op het puntje van IJburg. En waar in Amsterdam wordt dat WK nu gespeeld? Op de Dam! Daar wordt een hoop zand gestort en daar worden tribunes omheen gebouwd.

Trouwe lezers weten intussen dat er in Amsterdam nogal eens geklaagd wordt over te grote drukte in het centrum. Ik vind dat ietwat overdreven. Als je per se 'Sail' wilt organiseren, dan moet dat haast wel op het IJ plaatsvinden, maar je moet wel volmaakt gestoord zijn, als je de Dam een geschikte plek vindt voor beachvolleyball.


zaterdag 18 april 2015

BEESTENBOEL

Vanmorgen. Het (Vondel)park ligt er troosteloos bij: weides vol plastic verpakkingen en lege bierflesjes. Schoonmaker Edwin in herkenbaar fluorescerend oranje staat in het perkje aan de voeten van het standbeeld van Joost van den Vondel. Met een grijper vist hij de restanten van de vorige dag tussen de tulpen vandaan. 'Het lijkt wel oorlog,' zucht hij. 'Wat een slagveld.' Dat las ik in Het PAROOL. (...) Het Vondelpark is vuil. De gemeente bezuinigt en de schoonmakers krijgen het park niet meer schoon. Het schoonmaakpersoneel is van 6 tot 2 personen teruggebracht.

Moet ik nu kwaad worden op de gemeente omdat die niet voldoende geld wil steken in het schoonhouden van dit populaire, veel bezochte park? Eerlijk gezegd ben ik kwader op de vele bezoekers die er steeds weer een beestenboel van maken.

Dit valt dan nog mee. Men heeft tenminste nog de moeite genomen het afval op een centrale plaats achter te laten. De meeste smeerpijpen laten hun afval achter op de plek waar ze een tijdje verbleven. En dat doen ze niet alleen in het Vondelpark.

vrijdag 17 april 2015

TRAMRAILS

In Amsterdam zijn heel veel fietsers en er liggen vele kilometers tramrails. De ervaren fietser in Amsterdam kent het risico van die rails: je moet er niet met je (voor)wiel in komen, want je gaat vrijwel onherroepelijk tegen de grond.

Het PAROOL heeft een serie artikelen onder de titel 'Wat Amsterdam mist'. Daarin gisteren 'gesloten tramrails'. Het is de 'only in Amsterdam'-ervaring die iedereen kan missen als kies­pijn: met je fiets in de tramrails rijden en genadeloos op je bek gaan. Eén verkeerde beweging en je wiel zit klem. (...) Daarom moeten de tramrails dicht zijn wanneer er geen tram overheen rijdt. Bijvoorbeeld door een ingenieus schuifsysteem over de rails, dat opent wanneer de tram eraan komt en direct daarna weer sluit. Want we moeten er met zijn allen voor zorgen dat de boodschappen veilig thuis kunnen aankomen, en net opgepikte scharrels al helemaal. De stad is al eng genoeg met zijn witte heroïne en overassertieve bakfietsouders.

Er zijn meer steden in Nederland waar een tram rijdt en volgens mij rijden die over dezelfde rails, dus dat 'only in Amsterdam' lijkt me nonsens. Ik heb 23 jaar lang vrijwel dagelijks door Den Haag gefietst. Ik geef direct toe dat Den Haag meer 'vrije' trambanen heeft dan Amsterdam, maar toch zijn ook daar stukken rails, waarin je, als je niet oplet, met je wiel terecht kunt komen om vervolgens een flinke smak te maken.

Ik ga hier niet uitleggen hoe je met de fiets de tramrails moet 'nemen'. Als je dat niet weet, kun je beter niet met de fiets door Amsterdam rijden. Dat "ingenieuze schuifsysteem" zal waarschijnlijk klauwen met geld kosten en gedurende jaren kilometers opgebroken straten veroorzaken, waarvan we er al voldoende hebben in Amsterdam.  Laat die tramrails maar voor wat ze nu zijn.

donderdag 16 april 2015

SNEL

Hoe kun je iets goed verpesten? Ik heb het er hier al eens eerder over gehad: de elektrische fiets, oftewel e-bike, die steeds sneller gaat. Wat hebben 'we' toch met snelheid? Veel automobilisten vinden 100 km/u niet snel genoeg. Brommers en snorfietsen worden opgevoerd, zodat ze veel harder kunnen dan de wettelijk toegestane snelheid. Er zijn al e-bikes die wettelijk in de categorie snorfiets vallen. Het PAROOL wijdde er gisteren weer eens een artikel aan. Supersnelle e-bikes rukken op in het stadsbeeld. Gevaarlijke rijwielen, zeggen sommigen. Maar wel enorm praktisch voor forenzen, zeggen anderen. 'Het vraagt enige beheersing.'

Ja, beheersing. Die willen veel mensen juist niet. Die willen niet snel op hun werk, of waar dan ook zijn, ze willen racen! De e-bike is een prachtige uitvinding voor mensen als ik (dagje ouder, fysieke problemen) die toch graag willen fietsen en daarbij wel een beetje ondersteuning kunnen gebruiken, bij hellingen, tegenwind of grotere afstanden. Mijn e-bike stopt met ondersteunen als ik 25 km/u rijdt. Snel genoeg, toch?

Ralf Braakman van V-fiets, die bestaande fietsen elektrisch maakt, weigert resoluut als zich een klant meldt met de vraag of zijn fiets kan worden opgevoerd naar 45 kilometer per uur of meer. 'Opvoeren doen we niet aan. Wat we wel doen, is snelheid toevoegen. Maar maximaal tot 25 kilometer per uur. Harder moet je niet gaan in de stad, dat is gevaarlijk. Wij maken bijvoorbeeld wel een elektrische bakfiets waarmee mensen gemakkelijk tegen een steile brug op kunnen fietsen.'

Roderick van den Berg van Juizz, op de Overtoom, ziet niet per se de gevaren. Hij verkoopt in zijn winkel veel speed pedelecs, waarmee een snelheid kan worden gehaald van 45 kilometer per uur. 'Het is een enorm goed alternatief voor de auto, bijvoorbeeld voor mensen die dagelijks afstanden moeten rijden van tien tot dertig kilometer. Ter ver voor de fiets, maar niet praktisch met de auto.'


Ik vrees dat Roderick van den Berg meer klanten krijgt dan Ralf Braakman. En er zijn altijd ondernemers die graag verdienen aan het toegeven aan de slechtste instincten van de mens.

Ik rijd tegenwoordig dagelijks op een scootmobiel. Het moet mogelijk zijn dat ook 45 km/u te laten rijden. Ik zie ze al scheuren door het winkelcentrum. Ik houd het maar op een wandeltempo. Alleen op fietspaden ga ik een ietsje sneller.

woensdag 15 april 2015

PRETPARK

Er gaat tegenwoordig bijna geen dag voorbij of er verschijnt wel ergens, vaak in Het PAROOL, een artikel over de almaar toenemende drukte in het centrum van Amsterdam. Nu blijkt er een petitie te zijn van de Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad, die oproept tot het verbieden van de bierfiets.


Ik heb die rijdende bar, die de bezoekers zelf moeten voortbewegen, een keer of twee gezien en ik geef direct toe dat die geen verheffende aanblik biedt, maar Het PAROOL schrijft (m.i. terecht):  'Probleem wordt niet opgelost met een verbod op de bierfiets'. Een petitie van de Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad heeft binnen twee dagen al 3000 reacties gekregen. Maar hoe erg is het nu eigenlijk? Heeft Amsterdam werkelijk geen grotere problemen dan de bierfiets?

(...) Het voertuig is (...) het zinnebeeld geworden van 'het verkeerde soort toerisme', de pretparkisering die van Amsterdam een veredeld Disneyland maakt, waar toeristen vergeten dat er ook nog mensen zijn voor wie de stad niet alleen een citytrip is.


De afgelopen tien jaar heb ik met drie vrienden (Jan, Jan en Jan) trips gemaakt naar diverse buitenlandse steden die net als Amsterdam veel door toeristen, uit eigen land en buitenland, bezocht worden. Steden als Madrid, München, Sevilla en Florence, om er enkele te noemen. Zowel in Parijs als Londen ben ik diverse malen geweest. In al die steden bezocht(en) ik/wij vooral het centrum, maar ik heb nooit het gevoel gehad mij te bevinden in een pretpark of Disneyland, plaatsen waar ik niet dood gevonden zou willen worden.

Stephen Hodes (adviseur cultuur, toerisme, recreatie en horeca op het gebied van strategie en beleid, conceptontwikkeling, marketing, trendwatching, businessplanning, marktonderzoek en haalbaarheidsstudies) maakt zich wel degelijk zorgen. Dat de Amsterdammer zo graag aantrapt tegen de bierfiets, is volgens hem het gevolg van een botsing tussen bewoners en bezoekers. 'We hebben nu al veel meer toeristen dan tien jaar geleden. En over tien jaar komen er twee keer zoveel bezoekers als nu. Dat schuurt en de bierfiets is daarvan een symbool. Net als overigens Airbnb en de massa's op het Damrak bijvoorbeeld. Het is een optelsom van ontwikkelingen die de stad doormaakt.'

Ik kan me best voorstellen dat bewoners van het centrum wat moeite hebben met al die bezoekers. Mijn jongste zus woont nu al een paar jaar in een 250 jaar oud hofje in Haarlem. Dat bevalt haar prima, maar uiteraard ergert ze zich aan bezoekers die af en toe met hun neus tegen de ramen naar binnen loeren. Ga eens praten met de bewoners van Giethoorn of Orvelte.

Er is een aantal dagen per jaar tijdens welke ik het centrum van Amsterdam mijd als de pest: Koningsdag, de Uitmarkt, de Gay Pride Canal Parade. Dan mogen de toeristen hun gang gaan.

Als je als bewoner van het centrum niet tegen die dagelijkse toeristendrukte kunt, kun je altijd nog verhuizen naar Swifterbant, daar komt echt geen toerist. Doodstil is wellicht ook het proberen waard.