woensdag 18 februari 2009

Ombuigen

Het CPB is eruit. Het PAROOL had een duidelijke kop: Economie klapt in elkaar. Het voordeel van een wat gevorderde leeftijd is dat je bij het lezen van zo'n kop niet meteen in paniek raakt, omdat je zoiets als eens eerder hebt meegemaakt. Dan heb je dus ook meegemaakt dat na zekere tijd the sky weer the limit was. Na regen komt zonneschijn. Na het zure komt het zoet. En zo.

De vraag waar we voor we staan is: wie zullen er het meest te lijden krijgen van deze crisis. Over het antwoord op die vraag hoef ik, vanuit historisch perspectief, ook niet gek lang na te denken. Hoe lager je staat op de 'inkomensladder' hoe meer je zult merken dat er een crisis is. Uitkeringen worden bevroren of gaan omlaag. Eigen bijdragen in de gezondheidszorg gaan omhoog. Daar hebben ook lagere inkomens relatief meer onder te lijden dan de hogere. Werknemers zonder vast arbeidscontract vliegen er als eerste uit. Lager betaalde werknemers vliegen er eerder uit dan hoger betaalde. Anders gezegd: mensen die de minste verantwoordelijkheid voor de crisis hebben, hebben er het meeste onder te lijden.

Jan Peter roept: "We staan voor een grote beproeving. Een hele generatie heeft dit nog nooit meegemaakt." Met zijn collega's gaat hij zich buigen over een 'samenspel van intensiveringen, ombuigingen en hervormingen'. Laat je niets wijsmaken: 'ombuigingen' en 'hervormingen' zijn in de politiek pseudoniemen voor 'bezuinigingen'; bezuinigingen die ertoe leiden dat jij en ik minder te besteden te hebben, vooral als je toch al niet zo veel te besteden hebt.

Bij het boodschappen doen zag ik in het voorbijgaan de voorpagina van NRC Next. Die kwam erop neer dat we een kwart van alle bezuigingen al halen als we de F16 niet vervangen door de Joint Strike Fighter. Ik durf er vergif op in te nemen dat we dat wapentuig gewoon gaan vervangen. Er wordt al weer gepleit voor het terugschroeven van de ontwikkelingshulp. In die landen zijn ze er immers aan gewend dat ze nauwelijks iets te eten hebben en wat kost het wonen in een krottenwijk nou helemaal? Nederland behoort tot de rijkste landen van de wereld. Dat willen we vooral graag zo houden.

dinsdag 17 februari 2009

Beslissen

Je zult mij niet horen beweren dat in onze regering en parlement het puikje van onze samenleving is samengebald aan wie we met een gerust hart het besturen van deze samenleving kunnen overlaten. Het zijn allemaal gewone mensen aan wie niets menselijks vreemd is. Minimaal één keer in de vier jaar kunnen we - in principe - beslissen dat we een aantal van hen beter kunnen vervangen, omdat ze er niet zoveel van gebakken hebben.

Er zijn mensen die het af en toe kiezen van nieuwe volksvertegenwoordigers wat dunnetjes vinden als we het hebben over de invloed van 'het volk' op wat 'ze' in Den Haag allemaal bedisselen. Die invloed willen ze vergroten door het invoeren van het raadgevend, correctief, bindend referendum. Trouw wijdde daar weer eens een uitgebreid artikel aan. Via zo'n referendum zou een reeds aangenomen wet teruggedraaid kunnen worden. PvdA, SP, GroenLinks en D66 zijn vóór en zo links als ik ben, ben ik daar compleet tegen.

Ik heb geen overdreven vertrouwen in ons parlement, maar heb eerlijk gezegd nog minder vertrouwen in 'het volk'. Een niet gering deel van dat volk zou als er 'nu' verkiezingen zouden worden gehouden op Geert Wilders stemmen. Dat mag natuurlijk, maar ik heb buitengewoon weinig vertrouwen in het oordeelsvermogen van mensen die wel iets zien in het gedachtegoed van Wilders. Ik zou trouwens iedereen afraden bij een eventueel referendum mijn advies te vragen. Mijn keuze zou immers bepaald worden niet alleen door puur objectieve overwegingen, maar zeker ook door mijn politieke en maatschappelijke visie.

Je mag aannemen dat een referendum niet over iets simpels gaat. Hoeveel tijd, gelegenheid en zin hebben alle stemmers om zich echt te gaan verdiepen in de voors en tegens? In 2005 wezen 'we' de Europese Grondwet af. Hoeveel 'nee-stemmers' hebben toen de moeite genomen zich af te vragen welke bevoegdheden 'Brussel' zou krijgen? 'We' wisten toch allang dat we helemaal geen bevoegdheden aan 'Brussel' willen geven? Hoeveel Nederlanders wisten toen, om maar een voorbeeld te noemen, wat er in Brusselse termen met 'de Raad' wordt bedoeld en wat de bevoegdheden van die Raad zijn? (In andere EU-staten weten net zo weinig mensen dat.)

"Twee weten meer dan één." Zeggen ze. Dat zal wel, maar of ze het beter weten is weer wat anders. Ik ben er ook niet overtuigd dat zestien miljoen het beter weten dan 225.

maandag 16 februari 2009

Reizen

Hoe zou het zijn als uw reis net zo inspirerend was als de bestemming? Reizen, zeker naar het buitenland, doe ik altijd voor mijn plezier. Het had/heeft altijd te maken met vakantie of 'een paar dagen erop uit'. Je zou kunnen zeggen dat mijn plezier begint op het moment dat ik de huisdeur achter mij dicht doe. De meeste lange vakanties was ik zelden op één plek: vrijwel dagelijks trok ik lopend of fietsend naar een volgende bestemming. Met enig recht zou ik kunnen beweren: ik was constant op reis, omdat de reis nog inspirerender was dan de bestemming. Ook nu nog zit ik een aantal dagen per jaar in de trein zonder ergens heen te gaan. Dan reis ik alleen maar.

De uitspraak waarmee ik dit blog begin heb ik niet zelf bedacht. Met die kreet probeert tegenwoordig KLM ons ertoe te verlokken met haar vliegtuigen naar buitenlandse bestemmingen te reizen. Ik heb aardig wat gevlogen: diverse keren binnen Europa, drie keer naar de Verenigde Staten en één maal naar Nieuw-Zeeland. Veel verder dan de laatste bestemming kun je niet gaan, want dan ben je al weer op de terugweg.

Over reizen met een vliegtuig kun je heel veel zeggen, maar ik heb nooit een seconde overwogen deze manier van reizen inspirerend te noemen. Het enige positieve wat je ervan kunt zeggen is dat je op die manier snel van A naar B gaat. Voor de rest is het barre ellende. Dat begint al aan het begin: vanaf het inchecken word je behandeld als een potentiële crimineel die niets liever wil dan het vliegtuig vanaf grote hoogte op niet-reguliere wijze naar het aardoppervlak te doen terugkeren. Daarvoor heb je al enige uren in niet of nauwelijks inspirerende ruimten doorgebracht, tenzij je tax free shoppen een inspirerende bezigheid vindt. De vertrekhal van een vliegveld is in het algemeen saaier dan de wachtruimte van een station in een middelgrote stad en kan de vergelijking met die van Amsterdam Centraal, Victoria Station en Paris Nord absoluut niet doorstaan.

Eenmaal in het vliegtuig word je gedurende enkele uren gedwongen te zitten in een ruimte die te beperkt is om je redelijk vrij te kunnen bewegen en dan heb ik nog het geluk niet zo heel erg lang te zijn. Als weer en turbulentie een beetje tegen zitten, zit je ook nog eens met een riem aan je zitplaats gekluisterd. Zelfs tijdens een vliegreis die beduidend korter duurt dan de reis met de trein van Amsterdam naar Groningen voelt de vervoerder zich geroepen je een hapje aan te bieden waar kraak noch smaak aan te ontdekken valt. Als je een warme hap krijgt doet die je verlangen naar een ziekenhuismaaltijd en die is maar zelden een culinair hoogstandje.

Over ruim een maand ga ik met het vliegtuig naar Madrid. Ik word pas geïnspireerd als ik de luchthaven Barajas achter me laat.

zondag 15 februari 2009

Zoen

Gisteren was het Valentijnsdag. Het oorspronkelijke idee achter Valentijnsdag was dat je anoniem je liefde of waardering - in ieder geval een positief gevoel - voor iemand aan die iemand liet blijken. Dat deed je met iets simpels: een kaartje, een briefje, een bloemetje. Het was vooral in Amerika een populair gebruik en uiteraard zag de commercie daar zijn kans. Maar niemand is natuurlijk zo gek om iemand anders anoniem met iets duurs - een sieraad, een prachtig verlucht boekwerk, het complete werk van Mozart op cd's - te verrassen. Dus werd Valentijnsdag de dag waarop je je geliefde, althans je partner ging 'verrassen'. Het heeft even geduurd, maar ergens in de negentiger jaren van de vorige eeuw begon het Amerikaanse commerciële succes van Valentijnsdag ook hier op te vallen en dus werd deze dag ook ons door de strot geduwd. (Het behoeft, denk ik, geen betoog dat ik mij daar niet mee heb beziggehouden.)

Na het ontvangen van je 'verrassing' val je uiteraard de gulle gever (m/v) om de hals. Dat was voor Trouw de aanleiding ruim aandacht te besteden aan de hedendaagse 'zoenetiquette'. Zoenen levert verwarring op, en heel, heel veel mensen ergeren zich aan overmatig zoenen. Is dat niet merkwaardig? Waarom doen we allemaal mee met iets waar "heel, heel veel mensen" eigenlijk helemaal geen zin in hebben? Zoenen is, voor een ouwe zak als ik, een teken van affectie. Met het toenemen van de affectie neemt in het algemeen de intensiteit van het zoenen toe. Intussen zijn we erin geslaagd van het zoenen een inhoudsloos ritueel(tje) te maken. Maar je bent wel een ontzettende hork als je bij het arriveren in een gezelschap waarvan je iedereen kent volstaat met het roepen van "Hoi allemaal", of woorden van gelijke strekking. Dat doe ik wel eens en soms kom ik er nog mee weg ook. Een andere truc is zorgen dat je als eerste arriveert, dan hoef je in ieder geval niet in één keer alle aanwezigen te zoenen, maar komen al die zoenen nog redelijk gedoseerd op je af.

Het artikel in Trouw eindigt met een behartigenswaardige zin. U moet zich niet afvragen hoe vaak u iemand moet zoenen, maar welke speciale persoon u wilt zoenen. Eén keer. En dan goed, lang en lekker.

zaterdag 14 februari 2009

Beslissen

AbvaKabo-onderhandelaar Elise Merlijn, gelooft dat je werknemers meer kunt boeien en binden als je ze betrekt in je beleid. Dat schrijft de Volkskrant van 13 februari 2009. Zit ik nou echt vreselijk op te scheppen als ik zeg dat ik dat ruim veertig jaar geleden, toen ik begon te werken, al doorhad? De 'werkvloer' heeft altijd al beter geweten hoe het werkproces verloopt en altijd heeft het management veranderingen aangebracht zonder de werkvloer daar bij te betrekken.

De aanleiding voor de opmerking van Elise Merlijn en het bericht in de Volkskrant is het besluit van het Schiedamse Vlietland Ziekenhuis niet alleen naar de werkvloer te luisteren, maar de werkvloer, i.c. de verpleegkundigen, doktersassistenten en ander ondersteunend personeel te laten beslissen. Simpelweg komt het hierop neer: als de verpleegkundigen zeggen dat ze niet nog meer patiënten aan kunnen, worden er geen nieuwe patiënten meer opgenomen. Dit idee wordt al zo'n twintig jaar in Amerika in de praktijk gebracht en wat blijkt? 'Verpleegkundigen hebben veel meer zeggenschap over de inhoud van het werk en voelen zich dus ook verantwoordelijk over het resultaat', legt Lindenburg (afdelingshoofd in het Vlietland Ziekenhuis) uit. 'De sfeer in zo’n ziekenhuis is ongelooflijk positief. Werknemers zijn trots op wat ze doen en stralen veel plezier uit. In Amerika spreken ze van 'magneetziekenhuizen', omdat ze als een magneet personeel aantrekken. Men begon er ook mee in een tijd van personeelskrapte. Als ik het goed heb zit 'de zorg' hier ook al een tijdje met krapte. De zorg heeft niet het image van 'het is heel leuk werk'.

Wat voor een ziekenhuis geldt, geldt voor elk bedrijf: werknemers die iets op een bepaalde manier doen alleen "omdat de baas zegt dat het zo moet", zijn minder gemotiveerd dan werknemers die zelf mogen uitmaken hoe een klus klaren, als ze hem maar klaren. Een goede manager is geïnteresseerd in het resultaat, niet in de manier waarop het resultaat bereikt bereikt wordt. Als iemand tegen alle procedures in een beter resultaat bereikt, doet zhij het kennelijk goed. De klassieke fout die dan gemaakt wordt is dat de manager, zonder verder overleg met de werkvloer, verordonneert: "Voortaan gaan we het allemaal zo doen."

Tijdens de laatste jaren dat ik voor de overheid werkte begon het 'in' te worden mensen en organisaties 'af te rekenen' op resultaat. Vervolgens zorgde de bureaucratie ervoor dat elk origineel initiatief in de kiem werd gesmoord.


vrijdag 13 februari 2009

Oprotten

Het spijt me voor John Rishton, maar het lijkt me beter dat hij een baan in eigen land gaat zoeken. Ik hoef niemand te vertellen dat we in economisch zware tijden leveren. Links en rechts worden duizenden banen weggesaneerd. Dus de banen die overblijven moeten we behouden voor Nederlanders. "Eigen werknemer eerst", zeg ik maar. En daar ben ik echt niet alleen in volgens Trouw. Arbeidsmigranten zijn de zondebok van de crisis. In diverse EU-landen wordt tegen hen geprotesteerd en wordt de wetgeving aangescherpt. Logisch toch? Als jij er bij ING uitvliegt pak je alles aan wat je maar krijgen kan. Dan ga je desnoods tomaten plukken in het Westland. Laat die Polen, Bulgaren en Roemenen maar in hun eigen land iets gaat plukken, witten en behangen of schoonmaken. Het is onze werkgelegenheid en die reserveren we voor onze mensen.

Ja, en dan moet ook John Rishton maar in eigen land - het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland - een baan gaan zoeken. Hij is nu nog bestuursvoorzitter van Ahold, maar onder al die topmanagers die er de komende tijd links en rechts uit zullen vliegen, zal er best eentje zijn die moeiteloos Johns baan bij Ahold kan overnemen. Die willen best een basissalaris van 945.000 euro per jaar, plus constante bonus, plus eventueel een extra bonus, plus aandelen, plus opties. Dat geld stroomt allemaal via John naar het 'perfide Albion'. Wat mij betreft is John de enige niet. Volgens de Volkskrant van 8 april 2008 zijn 12 van de 24 topmanagers in Nederland buitenlanders, werkmigranten dus. Laten we die beslissen hoeveel Nederlandse arbeidsplaatsen bij Nederlandse bedrijven moeten verdwijnen? Dat zal toch wel niet? Laat ze mooi oprotten.


donderdag 12 februari 2009

Fietsen

We slagen er met ons allen altijd weer in goede ideeën om zeep te helpen. Als je oud genoeg bent herinner je je misschien nog het 'witte-fietsenplan' in Amsterdam. Die kon je gratis (geloof ik) op vaste plekken in de stad oppikken en je kon ze op een andere vaste plek weer achterlaten. Maar ja, het was natuurlijk veel makkelijker om die fiets gewoon achter te laten op de plek waar je moest zijn. Om die en andere redenen is dat plan mislukt.

In 2007 is men in Parijs van start gegaan met een soortgelijk plan. Er waren 15.000 fietsen beschikbaar. De ontwikkelingen op andere terreinen hadden niet stilgestaan, zoals betalen via een creditcard of ander 'plastic'. De kosten waren overigens zeer bescheiden: één euro voor een dag gebruik. Dat is goedkoper dan het openbaar vervoer. Inmiddels is zo'n beetje de helft van die fietsen verdwenen: ze zijn vernield of in de Seine geflikkerd, las ik in Trouw. Ook (...) zijn de grijze fietsen tot in Oost-Europa en Afrika gesignaleerd. Het is ook heel leuk om met zo'n fiets de trappen bij Montmartre af te denderen. Daar maak je dan een filmpje van en dat laat je op YouTube zien. Is dat geinig of is dat cool?

Op diverse plaatsen in Nederland denkt men erover ook zo'n fietsenplan te introduceren. De TU in Delft is druk aan het studeren op betaal- en registratiesystemen. Ik zou zeggen: houd er maar mee op, jongens. Je kunt bedenken wat je wilt, maar ook hier in Nederland, het fietsland bij uitstek, zullen we er in slagen het systeem binnen de kortste keren te verzieken. Ook hier heb je mensen die het reuze leuk vinden publiek eigendom te vernielen. Ook hier zijn mensen die het toch wel lastig vinden de gehuurde fiets op een goede plek achter te laten. En fietsen stelen is een van de oudste en meest verbreide 'typisch Nederlandse' bezigheden.