dinsdag 22 september 2009

Normbesef

Een regel uit een ANP-bericht in Trouw: Verantwoordelijkheidsgevoel en respect worden volgens de ondernemingen door starters geofferd voor zaken als een snelle carrière, inkomen en status. Daarvoor las ik: Studenten hebben volgens het bedrijfsleven te weinig normbesef. Dat bleek zondag uit onderzoek van accountantsorganisatie KPMG onder Nederlandse bedrijven. Hebben ze bij KPMG niets beters te doen? Dat had ik jaren geleden al zonder enig onderzoek kunnen vertellen.

Het zijn natuurlijk niet de ondernemingen, maar de ondernemers die zich zorgen maken over het morele verval van de nieuwe jonge medewerkers. De bedrijfseigenaren, de CEO's, de topmanagers, dat zijn, dat is genoegzaam bekend, mensen die allemaal bij wijze van spreken overstromen van hoogwaardig normbesef. Inkomen interesseert ze niet of nauwelijks. Ze zouden liever in een Fiat Punto dan in een Mercedes CL Coupé naar hun werk en zakenbesprekingen gereden worden. Ze hebben het grootste respect voor hun chauffeur, de koffiejuffrouw, de medewerkers van de postkamer en van de schoonmaakploeg. Met lede ogen zien ze aan hoe de ouders en onderwijskrachten er tegenwoordig, qua bijbrengen van normbesef, maar een potje van maken. Bij hun is het er allemaal ingestampt in hun jeugd. Met lood in de schoenen gaan ze naar een sollicitatiegesprek waar ze weer geconfronteerd worden met zo'n type dat alleen geïnteresseerd is in het salaris, het type leaseauto en bijkomende emolumenten. Hart voor de zaak? Dat begrip kennen ze niet eens meer! Het enige wat die ondernemers nog rest is: het goede voorbeeld geven. Dat doen ze tot ze erbij neervallen.

Kunnen we nou eens ophouden met dat gezeik? In elke onderneming, in elke non-profitorganisatie en bij de overheid werken mensen. Leuke, aardige, deskundige, oppassende, respectvolle mensen, je vindt ze in alle lagen van de bevolking en in alle werkkringen. In alle lagen vind je ook de ploerten, de fortuinzoekers, de egoïsten, de profiteurs en de fraudeurs. Een medewerker van de postkamer jat wel eens een postzegeltje. Een Amerikaans investeerder licht alles en iedereen op voor 65 miljard dollar, want verschil moet er zijn. Een bankdirecteur die miskleunt wil toch zijn bonus ontvangen. Een bestuurder is de bonnetjes kwijt die bij de declaratie horen. De bouwondernemer maakt prijsafspraken met zijn concurrent. Het bonnetje van het diner met vrouw en kinderen wordt in de administratie opgevoerd als 'diner met klant'. Alle ondernemers hebben normbesef, maar ze hebben er niet allemaal evenveel last van.

Normbesef heeft niets te maken met de plaats die iemand inneemt in de maatschappij, de werkkring of de vereniging. Er zullen altijd mensen zijn die willens en wetens uit plat eigenbelang de normen aan hun laars lappen en de regels overtreden. "Er is echter geen enkele regel die gewenst gedrag van mensen kan afdwingen", aldus hoogleraar Accountantscontrole en KPMG-partner Philip Wallage. Om tot die conclusie te komen hoef je echt geen hoogleraar te zijn. Daar was ik al achter voordat KPMG bestond en ik ben niet eens hoogbegaafd.

Zal ik de Bijbel maar weer eens citeren, daar staan echt wel een paar rake opmerkingen in: Oordeel niet, opdat er niet over jullie geoordeeld wordt. Want op grond van het oordeel dat je velt, zal er over je geoordeeld worden, en met de maat waarmee je meet, zal jou de maat genomen worden. De Bijbel zegt ook iets over de splinter in het oog van iemand anders die we wel zien, maar niet de balk in ons eigen oog. En tenslotte deze: Wie zonder zonde is werpe de eerste steen.
x

maandag 21 september 2009

Corrigeren

De afgelopen dagen moest hij maar liefst tweemaal in een tv-programma verantwoording afleggen. Gertjan Goldschmeding, voorganger in een pinkstergemeente, had openlijk gezegd dat de Here God lijfstraffen goedkeurt, zelfs aanbeveelt. Dit in tegenstelling tot het algemeen gevoelen, zelfs de wetgeving, in veel Europese landen. Gertjans opmerkingen waren dan ook voor velen aanleiding weer eens fijntjes op te merken dat er bij die evangelische christenen toch aardig wat steekjes los zitten. Nu zou ik niet graag alle niet-gelovigen de kost geven die van mening zijn dat een corrigerend tikje op zijn tijd niet zo heel erg verkeerd is en die mening ook in praktijk brengen. Daaraan wordt overigens nooit de conclusie verbonden dat niet-gelovigen dus niet helemaal deugen.

Ik heb nooit voor de keuze gestaan of ik mijn kind wel een tik(je) mocht geven. Ik vermoed, laat ik er maar eerlijk voor uitkomen, dat ik, had ik wel nageslacht voortgebracht, ik nu niet zou kunnen zeggen: "Dat heb ik nooit gedaan." In mijn jeugd waren de normen wat anders dan nu, dus ik heb wel eens een tik gehad. Niet bijzonder vaak en niet buitensporig pijnlijk. Ik heb er zelfs geen heel klein trauma aan overgehouden. Ik heb wel geleerd dat het overschrijden van grenzen vervelende consequenties kan hebben.

Tijdens de lessen pedagogiek aan de (gereformeerde) kweekschool werd uiteraard ook aandacht besteed aan de vraag: mag je een kind slaan? Die vraag werd toen bevestigend beantwoord. Daar werd wel wat bij gezegd: 1. sla nooit als je kwaad bent, m.a.w. doe het weloverwogen; 2. sla alleen op die delen van het lichaam waar het verder geen kwaad kan, de billen dus. Er werd ook bij gezegd dat het er niet om ging zo veel mogelijk pijn te veroorzaken. Opvoeders moeten een kind leren wat wel en niet kan. Daarbij gaat het erom kinderen duidelijk te maken dat zij hun ouders verdriet doen als zij bepaalde regels overtreden. Een corrigerende tik werkt dan vaak effectiever dan een 'goed gesprek'. Bovendien: kinderen weten vaak heel goed dat ze een grens overschrijden. Het ligt in de natuur die grenzen te verkennen en te verleggen.

Ik ben er helemaal niet zo bang voor dat de preken van Gertjan ertoe zullen leiden dat er in evangelische kringen maar op los geslagen wordt. Ik geloof net zo min dat wetgeving een belangrijke bijdrage levert aan het voorkómen van corrigerende tikken. Ik zou het prachtig vinden als alle ouders onder alle omstandigheden zich ervan bewust zijn waar ze in contact met hun kinderen mee bezig zijn. Als dat in bepaalde omstandigheden leidt tot de keuze voor een corrigerende tik, die echt niet veel pijn hoeft te doen, hebben ze mijn zegen.
x

zondag 20 september 2009

Handhaven

Van biologie en erfelijkheidsleer ben ik geen kenner. In mij jonge jaren werd mij verteld dat het voortbrengen van kinderen door familieleden de kans op genetische afwijkingen bij het kind vergrootte. Hoe dichterbij qua familierelatie hoe groter die kans. Huwelijken met familieleden tot in de derde graad zijn daarom verboden. Een neef of nicht is familie in de vierde graad, dus huwelijken tussen neven en nichten zijn in Nederland toegestaan. In Trouw las ik dat de kans op genetische afwijking bij kinderen van neef en nicht ongeveer 4% is, vergelijkbaar met dat van oudere moeders en moeders die roken, drinken of drugs gebruiken. De regering heeft zich nu voorgenomen het huwelijk tussen neef en nicht te verbieden voor iedereen. Daarvoor moet dus wel de wet gewijzigd worden.

Geert Wilders heeft weer gescoord. Het voorgenomen verbod op het huwelijk tussen neef en nicht heeft immers niets te maken met angst voor genetische afwijkingen, maar alles met het tegengaan van importbruiden en -bruidegoms. Die komen immers vooral uit islamitische landen. Door het verbod algemeen geldend, dus ook voor autochtone Nederlanders, te maken, voorkomt de regering de beschuldiging te discrimineren. Per slot van rekening is ook het trouwen met je neef of nicht uit Sint Job in 't Goor, Pencanze of Kirchlinteln verboden.

Ik ben niet geheel wereldvreemd. Ik houd het nieuws redelijk goed bij. Ik weet dus dat het voorkomt dat huwelijken tussen neef en nicht gedwongen zijn. Staatssecretaris Nebahat Albayrak wees daar ook op en zij kan het weten. Ik weet ook dat het voorkomt dat zo'n huwelijk geen andere grond heeft dan iemand vanuit een buitenland hier naartoe te krijgen. Ik ben een uitgesproken tegenstander van gedwongen huwelijken. Ik vind de wens naar Nederland te emigreren op zich niet voldoende grond voor een stabiele huwelijksrelatie.

Laten we nou eens aannemen dat in Nederland van links tot rechts - zeg maar: van Geert Wilders tot Agnes Kant - een ook door juristen, sociologen, antropologen, religieuze leiders, Human Rights Watch, de Hoge Raad der Nederlanden en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens ondersteunde overeenstemming bestaat over het ongewenst zijn van het importeren van huwelijkspartners. Dan zijn de volgende stappen:
1. de import wettelijk verbieden;
2. het verbod handhaven.
Stap 2 is niet geheel onbelangrijk. Immers, veel verboden worden in Nederland vaak overtreden en lang niet altijd is de handhaving adequaat. Sommige overtredingen worden zelfs gedoogd (coffeeshops!). Ik vermoed, het lijkt me tenminste logisch, dat des te moeilijker je het overtreden maakt, des te makkelijker het handhaven wordt. Vanuit dat oogpunt lijkt het verbieden van zo'n huwelijk niet vreselijk efficiënt. De twee trouwen elders in de Europese Unie en Nederland zal dat huwelijk moeten erkennen. Wij vinden toch ook dat ze in andere landen het homohuwelijk moeten erkennen?

De Franse regering bant het dragen van hoofddoekjes op scholen uit door ook het dragen van keppeltjes en kruisjes te verbieden. Een al of niet terecht ongewenst geachte ontwikkeling wordt 'via een omweg', dus met oneigenlijke middelen bestreden. Daarop kun je reageren met: "Nou en? Als die ongewenste ontwikkeling maar verdwijnt." Zo kun je het uiten van discriminerende taal in de Tweede Kamer aan banden leggen door de parlementaire onschendbaarheid af te schaffen. Je kunt veel zwerfvuil voorkomen door het verbod van het nuttigen van vaste en vloeibare voedings- en genotmiddelen buiten gebouwen.

Ik durf te beweren dat het verbod op het huwelijk tussen neef en nicht er niet komt. De aankondiging ervan is niets meer dan een poging Geert Wilders enige wind uit de zeilen te nemen met het oog op komende verkiezingen: "Zie je wel, beste bezorgde burgers, wij doen ook ons best moslims zo veel mogelijk buiten de grenzen te houden." Ik durf nog wel een stelling aan: Geert Wilders zit aan zijn top. Je weet hoe het gaat met pittig eten: je gaat eraan wennen. Om het pittig te blijven vinden, moet je steeds meer sambal, tabasco of cayennepeper gebruiken. Zo moet Wilders steeds pittiger uitspraken gaan gebruiken om de aandacht vast te houden. Zijn 'kopvoddentaks' van 1000 euro zit al dicht bij de grens waarachter zelfs zijn eigen aanhang hem niet serieus meer neemt. Zijn oude kreten over moslims en de Koran kennen ze al. Ze willen iets nieuws horen, maar het moet op zijn minst enigszins serieus lijken. Zelfs aan de borreltafel wil je niet voor idioot uitgemaakt worden.
x

zaterdag 19 september 2009

Bijdrage

Wat is een toelage? Volgens 'van Dale Online':
1 bijdrage in levensonderhoud, gift in geld;
2 toeslag die boven het normale salaris wordt uitgekeerd.
Onze majesteit, haar oudste zoon en zijn vrouw krijgen van ons een 'toelage'. Zij krijgen van ons geen toeslag op een normaal salaris, dus ze krijgen een bijdrage in hun levensonderhoud. Dat wil, ook volgens 'Van Dale', zeggen dat wij ze een aandeel geven in een doel dat wij gemeenschappelijk hebben. Ik weet niet precies hoeveel ze daarvan als inkomen kunnen beschouwen, maar ze hoeven er geen inkomstenbelasting over te betalen en volgens mij betalen ze ook geen huur. Alles bij elkaar zullen ze dus netto wel een aardig eind boven de Balkenendenorm zitten. Dat krijgen ze allemaal niet "omdat we anders niet zulke goede mensen voor die functie kunnen krijgen", maar gewoon omdat ze dezelfde voorouders hebben als Willem de Zwijger (Juliana van Stolberg en Willem de Rijke). Na 1813 hebben we geen moeite meer gedaan om te kijken of er wellicht een andere manier was om aan een staatshoofd te komen.

We (het Nederlandse volk) en die drie mensen hebben dus een gemeenschappelijk doel. In deze barre economische tijden zou je als doel kunnen noemen: het op orde brengen van de staatsfinanciën. Het schijnt dat we daarvoor allemaal iets moeten gaan inleveren. Hoewel: allemaal? Die drie hoeven niet in te leveren. Sterker nog: het kabinet laat ze er volgend jaar nog een stuk op vooruit gaan. Als ik even heel muggenzifterig ga doen zeg ik dat de regering de majesteit, haar zoon en schoondochter erop vooruit laat gaan. De majesteit geeft zichzelf, haar zoon en schoondochter dus een verhoging van de toelage.

Willem-Alexander wil zijn vermogen wat opkrikken en belegt een deel ervan in een vastgoedproject in Mozambique. Dat project komt in opspraak, dus die belegging wordt ondergebracht in een stichting. Dat maakt financieel voor Willem-Alexender niets uit, maar als er echt stront aan de knikker komt, kan hij er dus niets aan doen en is Jan-Peter niet verantwoordelijk.

Zuster/tante Christina, ook niet geheel onbemiddeld, liet via paleis Noordeinde haar inkomsten via een belastingparadijsje lopen, zodat ze netto nog wat meer overhoudt. Nu loopt het niet meer via paleis Noordeinde en kan Jan-Peter weer zijn handen in onschuld wassen, want onze majesteit weet nu officieel ook weer van niets. En voor Christina verandert er niets.

Een groot deel van onze bevolking loopt nog altijd weg met ons koningshuis en de rest van onze koninklijke familie en gunt ze een inkomen dat ver boven modaal ligt. Dat zij dan zo. Maar is het dan heel veel gevraagd qua inkomen een heel klein beetje solidariteit te betonen met de onderdanen die er mogelijk op achteruitgaan? Kan het geld niet belegd worden in een Nederlands project dat boven alle twijfel verheven is? Moet dat geld nou echt via een belastingparadijs gesluisd worden? Wie dat allemaal niet wil weten, of er zich niet druk om wil maken, of alles mooi en prachtig vindt wat de familie Oranje-Nassau doet, moet zich verder ook niet druk maken over bonussen van toch al overbetaalde bankmensen. Het is één soort mensen: ze hebben al veel, maar willen nog meer. Het Koninkrijk Holland was een vergissing van Napoleon. We hebben in 1813 een mooie kans voorbij laten gaan.
x

vrijdag 18 september 2009

Peanuts

Een week geleden had ik het hier al eens over bonnetjes die een lid van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland niet bij zijn declaraties deed. In de Volkskrant lees ik over Joop Binnenkamp, gedeputeerde van de provincie Utrecht. Joop deed wel bonnetjes bij zijn declaraties. Daardoor weten we dat Joop de afgelopen twee jaar voor bijna 8000 euro aan etentjes heeft gedeclareerd, meer dan alle andere leden van Gedeputeerde Staten samen.

Als onderdeel van de totale uitgaven van de provincie Utrecht (448 miljoen euro in 2008) is die 8000 euro niet meer dan een minuscule peanut. Moet je je daar druk over maken? Ik vind van wel. De keuze van het restaurant en de keuze van de maaltijd die je daar, op kosten van de gemeenschap, gebruikt, duiden op een mentaliteit. Zo ging Joop wel eens, uiteraard met zakelijke relaties, een hapje eten bij 'Grand Restaurant Karel V'. Daar heb je al een voorgerecht van 37,50 euro. Neem dan als hoofdgerecht de 'Aubrac rund & snijbonen' voor 47,50 euro en als nagerecht de 'Passievrucht & kokos' voor 16,50 euro. Dan zit je voor één persoon pas op 101,50 euro. Daar komen natuurlijk nog wel een aperitiefje, een glaasje wijn en een kopje koffie bij. Zou Joop, denk ik dan, daar ook met familie of vrienden gaan eten als hij zelf moest betalen? Dat zou natuurlijk wel eens kunnen, maar voor een kleine 8000 euro in twee jaar? Ik ken de stad Utrecht niet zo goed, maar volgens mij kun je daar zeer respectabele horecagelegenheden vinden, waar je als gedeputeerde zonder enig gezichtsverlies je zakenrelatie een uitstekende maaltijd voor veel minder geld kunt aanbieden. Joops collega, Anneke Raven, at in dezelfde periode voor 40 euro 'op kosten van de zaak'.

De mogelijkheid om kosten te kunnen declareren maakt bij veel mensen iets 'hebberigs' wakker. Ik maakte daar voor het eerst kennis mee toen ik ruim dertig jaar geleden bij de Ziekenfondsraad werkte. Die had een accountantsdienst die de boeken van de ziekenfondsen controleerde. De medewerkers van die dienst kregen een vaste lunchvergoeding, omdat zij geacht werden buiten de deur te eten. Het opeten van zelf meegebrachte boterhammetjes samen met de medewerkers van de ziekenfondsen zou immers tot te veel familiariteit en daardoor verlies aan objectiviteit kunnen leiden. Op een gegeven moment werd besloten dat een flink aantal medewerkers van die accountantsdienst gewoon op het kantoor van de Ziekenfondsraad moest werken. Daar gingen zij niet mee akkoord, omdat daarmee hun inkomsten achteruit gingen. Ik begreep dat niet want hun salaris bleef gelijk. Als lid van de Dienstcommissie moest ik de leiding adviseren, dus ik ging mijn licht opsteken. Wat bleek? Geen van die medewerkers at buiten de deur. Ze namen gewoon hun bammetjes van huis mee. Die lunchkostenvergoeding zagen ze gewoon als extra inkomen, dat ze in het vervolg zouden moeten missen. Ik heb me toen behoorlijk impopulair gemaakt door de dienstleiding te adviseren het salaris van deze mensen te verhogen met de maandelijkse kosten van een gemiddelde lunch in het bedrijfsrestaurant, nog altijd meer dan de kosten van de inhoud van hun eigen lunchtrommeltje. Ik weet niet meer hoe het afgelopen is.

Ook in mijn latere ambtelijke leven heb ik declaratiegedrag gezien dat naar mijn oordeel stuitend was, hoe gering verhoudingsgewijs de bedragen ook waren. (In het bedrijfsleven kom je overigens hetzelfde gedrag tegen.) Vaste vergoedingen worden in werkelijkheid niet verbruikt. Wie bonnetjes moet inleveren 'ritselt' ergens een bonnenboekje en vult de bedragen en omschrijvingen zelf in. Ik heb eens een tijdje bij een bedrijf zulke bonnetjes moeten controleren. Een dinervergoeding ging toen per 1 januari omhoog van (maximaal) 15,00 gulden naar 17,50 gulden. Merkwaardigerwijs bleken veel restaurants per dezelfde datum de kosten van een 'maaltijd' of een 'diner' ook van 15,00 naar 17,50 gulden verhoogd te hebben.

Ik wil geen brave Hendrik zijn. Ik vind wel dat je voor het geld van je werkgever moet werken, niet dat je er wat bij moet ritselen. Een werkgever moet redelijke onkosten vergoeden. Zeker een overheidsdienaar dient haarscherp te weten wat redelijk is. Wie met geld sjoemelt, is bereid met alles te sjoemelen. Die vertrouw ik voor geen cent.
x

donderdag 17 september 2009

Kunst

Nog nooit had ik van 'Royalsteez' gehoord, maar dankzij Het PAROOL van vandaag weet ik nu dat ene Brian Kersbergens dat als alias gebruikt voor hemzelf als 'kunstenaar'. Ik weet nooit zo goed wat ik moet met de aanduiding 'kunstenaar' en het artikel geeft ook geen meer expliciete aanduiding. Ik vermoed dat we hier met een beeldend kunstenaar te maken hebben, want voor 'De Wereld van Witte de With', festival over grenzen, had hij iets gemaákt wat kennelijk een 'kunstwerk' was: van 81 van die blauwe AH-winkelmandjes had hij het woord "Sorry" gevormd.

Brian kwam niet in de krant vanwege de artistieke merites van zijn kunstwerk, maar omdat hij gearresteerd was wegens diefstal van die 81 winkelmandjes. Iedere keer dat hij boodschappen bij AH deed nam hij zo'n mandje mee en hij kwam er maar niet toe ze terug te brengen. Schuldgevoelens bekropen hem, maar als waarachtig kunstenaar drukte hij die gevoelens uit in 'kunst', dat woord "Sorry".

Het gaat mij er niet om Brian als misdadiger te beschouwen; een niet al te zware boete lijkt me een passende straf. Maar stel nou eens dat ik die 81 mandjes in huis had gehaald en - geprangd door schuldgevoelens - daarmee in het grasveld voor mijn deur het woord "Sorry" had gevormd. Was de hele kunstwereld toegestroomd om dat 'kunstwerk' te komen bewonderen? Natuurlijk niet. Op zijn best zou ik gekenschetst worden als een lichtjes, maar niet gevaarlijk, gestoorde zeventiger. "Nooit meer doen, opa! Volgende keer gewoon een boodschappentas meenemen naar AH." Waar ik geen bal van begrijp is dat als Brian, met zijn diploma van de kunstacademie (neem ik aan), het doet, er ineens sprake is van 'kunst'. En dan bedenk ik weer dat er gigantische kelders zijn die al vol liggen met 'kunst' waar verder geen hond naar omkijkt.
x

Rouwen

Er is nu een leidraad voor de eerste drie jaar. Het is niet meer dan een indruk, laat ik dat voorop stellen. Volgens mij wordt de laatste tijd in de media, met name de tv uiteraard, meer aandacht besteed aan doodgaan, ziekte en ander emotioneel ongerief dan vroeger. De ene sporter die een boek geschreven heeft over zijn overwinning op kanker is nog niet weg bij 'De Wereld Draait Door' of de volgende zit al weer bij 'Pauw & Witteman'. Familieruzies worden bij de EO weggegeten. Dagelijks komen de zieken en gewonden voorbij in eerstehulpposten en poliklinieken. Uit de hand gelopen verbouwingen worden hersteld. Is er meer aandacht dan vroeger voor het leed van anderen? Of is 'emotie van een afstand' gewoon de trend? In Trouw las ik over weer iets nieuws: de rouwkalender. De scheurkalender van Leoniek van der Maarel en Hans Breekveldt heeft geen datums en houdt niet op na 365 dagen. Het is een kalender speciaal voor mensen die een geliefde hebben verloren en rouw stopt tenslotte ook niet na een jaar. Er staan geen data op de kalenderblaadjes en hij gaat drie jaar mee. Hij komt gewoon op de wc te hangen.

Ik heb enige ervaring met rouwen en mijn ervaringen zijn niet de maat van alle dingen. Dat realiseer ik mij terdege. Ruim dertien jaar geleden heb ik een geliefde verloren, net als Leoniek van der Maarel, die tien jaar geleden haar man verloor. En inderdaad: na 365 dagen is het rouwproces nog niet afgesloten. Sterker nog: ook na drie jaar hoeft een rouwproces niet te zijn afgesloten, zelfs niet na dertien jaar. Leoniek ziet het zo:
- jaar één: overleven;
- jaar twee: pijn erkennen die erbij hoort;
- jaar drie: je hebt ervaring.
Dan is de scheurkalender op en red je het kennelijk verder wel zonder tips, en uitspraken die bij verschillende perioden horen.

Van der Maarel: "Voor mij werkt een kalender beter dan een boek, omdat je er iedere dag iets aan hebt."
Ja, een boek over rouwverwerking lees je in één adem uit en daarna gaat het op de plank. Je kan uiteraard weer een andere boek aanschaffen waarin rouwverwerking vanuit een andere optiek bekeken wordt en waarin andere tips staan. "Voor mij werkt kijken naar een spaghettiwestern beter dan luisteren naar cantates van Bach, omdat je aandacht veel meer wordt afgeleid. Bij het luisteren naar Bach ga je maar zitten denken en piekeren." (Uit: Denk er niet voortdurend aan van Evan Wyk.)

Heb ik, als ervaringsdeskundige, tips voor lotgenoten? Het spijt me: geen enkele. Een vakantie in mijn eentje in Nieuw-Zeeland heeft me een eind op weg geholpen, maar ik vind het - bijna letterlijk - wat ver gaan dat anderen te adviseren. Als ik me weer eens lekker verdrietig wil voelen luister ik naar de 'Rapsodia Cubana' van Ernesto Lecuona; als ik me wat opstandiger voel naar het 'Dies irae' uit het Requiem van Verdi; en ik krijg nog altijd de tranen in mijn ogen bij 'Kommt, ihr Töchter, helft mir klagen' en 'Wir setzen uns mit Tränen nieder' van Bach. Als ik een tijdje nadenk, kom ik op nog wel een paar dingen die mij er, min of meer, doorheen geholpen hebben. Daar kan ik een boekje van maken. Maar dat is al zo vaak gedaan, dus er moest weer eens iets nieuws komen.

Probeer ik die rouwkalender belachelijk te maken? Een beetje. Er zullen ongetwijfeld mensen mee geholpen worden. Wat mij tegen staat is het meedoen met de trend van 'hapklare brokjes' volgens de 'nieuwe formule'. Met het overlijden van een geliefde omgaan is een hard proces. De begrafenismaatschappijen buitelen tegenwoordig over elkaar heen met adviezen om ons 'afscheid' zo mooi mogelijk te maken. We hebben zelf de voorpret en onze nabestaanden worden vast op weg geholpen bij de verwerking. Ik heb al heel wat begrafenissen en crematies bijgewoond van mensen die mij in hoge of iets mindere mate dierbaar waren. Dat het merendeel van hen jonger was dan ik zou het nog wat schrijnender moeten maken. Het zal wel aan mij liggen, maar het komt wel eens voor dat de muziek of de rituelen die de overledene zelf of de nabestaanden zorgvuldig hebben uitgezocht mij totaal niets doen, geen enkele ontroering teweeg brengen. Ik kan er zelfs door geïrriteerd raken. Ze zullen passen bij hun emoties, dus ze moeten het vooral zo doen, maar ik laat de mijne niet sturen. Ik laat ze over me heen komen en stuur zo nodig wat bij. Soms lukt het, soms lukt het niet. "There won't always be someone to pull you out."

x