zaterdag 6 februari 2016

WOONGENOT

In september 2011 maakte ik een in het algemeen als ongebruikelijk geziene stap: ik ging van een niet vreselijk duur koopappartement naar een huurflat in de vrije sector. Het bleek een van de beste beslissingen die ik ooit heb genomen. Niet alleen verdubbelde de woonruimte waarover ik beschik (van 58 m2 naar 116 m2), in plaats van via trappen kan ik nu mijn woning bereiken met een lift. Binnen een jaar na de verhuizing bleek dat een 'gouden greep'. Toen werd immers vastgesteld dat ik leed aan claudicatio intermittens ('etalagebenen') en aan COPD Gold II (matig tot ernstig). In de dagelijkse praktijk betekende dat, dat ik de afstand tot mijn belangrijkste leverancier (AH), zo'n 500 meter, niet meer wandelend kon overbruggen.

Een tijd lang legde ik de afstand naar AH nog af op mijn (elektrische) fiets, maar al gauw bleek dat ook andere afstanden niet moeiteloos lopend overbrugd konden worden, zoals de afstand van de ingang van een ziekenhuis naar de polikliniek, of de ingang van een station naar het perron waar mijn trein vertrok, resp. van aankomstperron naar stationsuitgang. Ruim een jaar geleden besloot ik dat een scootmobiel DE oplossing was. Dat vind ik nog steeds.

Gisteren werd in de diverse media uitvoerig aandacht besteed aan de hoogte van de huren, met name die in de vrije sector, in Nederland. Wat bleek? De gemiddelde huur voor een woning met een oppervlakte als die van de mijne bedraagt in Amsterdam een kleine € 2300 per maand. Ben ik nu te beklagen? Nee, vrees niet! Ik betaal net iets meer dan € 800 per maand, minder nog dan de gemiddelde huur in Drenthe, waar de huren de laagste  van Nederland zijn.

Dat de huren in Amsterdam, net als in andere Europese hoofd- en andere grote steden, zo hoog zijn, wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt door buitenlanders. Dan heb ik het niet over de buitenlanders die Wilders graag buiten houdt of ziet verdwijnen, maar over kapitaalkrachtige Chinezen, Russen, Arabieren en andere 'expats'. Die betalen alles voor een woning die ze een groot deel van het jaar niet eens gebruiken. Waarom heb ik Geert nog nooit horen vragen of die weg moeten of mogen blijven?


vrijdag 5 februari 2016

KEURING

Laat die dekselse Sander Dekker, over wie ik gisteren schreef, nou weer een idee hebben. Trouw beschreef dat onder deze kop: Reclames mogelijk ook onder loep filmkeuring.

Staatssecretaris Sander Dekker (Media) wil laten uitzoeken of reclames inhoudelijk op dezelfde manier kunnen worden beoordeeld op schadelijkheid als films en tv-programma's. Het gaat dan om gewelddadige of seksuele uitingen of grof taalgebruik, wat schadelijk kan zijn voor kinderen.

Dekker kwam hiermee tegemoet aan een wens van de SGP in de Eerste Kamer, die grote morele bezwaren heeft tegen de reclame voor Second Love. Dat is een datingsite voor mensen die al een relatie hebben en dus aanspoort tot overspel, aldus de SGP.

Ja, stel je even voor: je dochtertje uit groep 8 is al een tijdje 'op' een jongen uit haar groep. Dan ziet zij de die Sterspot voor Second Love en dat brengt haar op het idee dat een tweede vriendje, bijvoorbeeld dat jongetje dat zij wekelijks bij korfbal ontmoet, best wel leuk zou kunnen zijn.

Volgens mij vinden leden van de SGP en andere wat bekrompen zielen  het ook niks dat in reclames voor reisjes naar zonnige stranden dames in bikini te zien zijn. Voor je weet willen jouw kinderen ook naar zo'n strand en dat geeft maar gezeur.

Het lijkt me nog erger dat die kinderen na een dag aan dat warme strand zich te buiten gaan aan vele glazen Cola, of andere frisdranke die stijf staan van de suikers. Laat de keuring eens letten op reclames voor die drankjes.

donderdag 4 februari 2016

SERIEUS

Ik weet niet of het nu aan mij of aan hem ligt, maar om de een of andere reden kan ik Sander Dekker nooit helemaal serieus nemen. Hij is staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Ik heb wel eens gelezen dat hij op het terrein van het onderwijs voortdurend allerlei ballonnetjes oplaat, maar zelden met concrete plannen komt. Geen idee of dat klopt.

Sander gaat ook over de tv. Hij probeert nu een nieuwe Mediawet door het parlement te krijgen, maar in de Volkskrant las ik: De invoering van de Mediawet loopt nog meer vertraging op. De Eerste Kamer heeft zoveel twijfels over de plannen van staatssecretaris Dekker (Media, VVD) dat het debat dinsdagavond is afgebroken.

De plannen van Sander hebben, wat mij betreft, wel iets sympathieks. Hij vindt dat een hoop (amusements)programma's beter bij de commerciële, dan bij de publieke omroep passen. Ik vraag me ook wel eens af waarom (ook) van mijn belastingcenten een aantal boeren aan een partner geholpen moeten worden en waarom ik daar dan ook nog eens naar zou moeten kijken.

Sander wil nog meer, maar: Veel partijen vragen zich af of het goed is om de macht van de omroepen in te perken ten koste van de NPO, het bestuursorgaan van het publieke bestel. Sander, of zijn opvolger, zou een belangrijke rol gaan spelen bij de benoeming van de leden van dat bestuur. Dan heb je mij ook niet mee. De overheid moet zich niet bemoeien met wat wij op tv te zien, of op de radio te horen krijgen, zelfs niet de overheid die dezelfde smaak heeft als ik. Wie immers garandeert mij dat een volgend kabinet ook een smaak of opvatting heeft die mij aanstaat? Sander wil me toch ook niet vertellen dat ik beter NRC/Handelsblad dan de Telegraaf kan lezen, of beter HP/De Tijd dan Story?


woensdag 3 februari 2016

BRUISEND

RTL Boulevard is zo'n programma waarnaar ik nog nooit gekeken heb. Een heel enkele keer zie ik wel eens een stukje ervan in een ander programma of een stukje promo. Daaruit krijg ik de indruk dat het programma de tv-versie is van bladen als Story en Privé en die lees ik ook niet. Voor alle zekerheid ging ik even naar de website van het programma en jawel hoor: die opende met een pagina over Anouk. Voor mij was dat een zangeres, maar volgens die site een 'rockchick'. Dat zegt me genoeg.

Vanwaar al die moeite? In Het PAROOL las ik: Albert Verlinde en consorten presenteren het programma (RTL Boulevard dus) binnenkort niet meer vanuit Hilversum, maar vanuit Leidseplein 1. En waarom die verhuizing? De keuze voor het Leidseplein komt voort uit de behoefte aan een bruisender decor. De nieuwe studio heeft uitzicht op 'een van de bekendste en drukste pleinen van Nederland', aldus RTL.

Oké, het Leidseplein zal best bruisender zijn dan welke locatie dan ook in het Hilversumse Mediapark. Hoewel: op de website van dat Mediapark lees ik: Het Media Park is het mediahart van Nederland en is een inspirerende plek met een mooie historie. Je voelt het als je er loopt: dit is waar het gebeurt.

Maar als je dan per se naar RTL Boulevard wilt kijken, wat merk je dan van dat bruisende Leidseplein? Ze gaan toch niet buiten zitten? Of laten ze voortdurend dat uitzicht zien? RTL Boulevard is het zoveelste grote televisieprogramma dat in Amsterdam zal worden gemaakt. Het programma Buitenhof wordt gepresenteerd vanuit het gebouw van de Hortus Botanicus in Amsterdam. Omdat dat programma 'geworteld' is in het Amsterdamse centrum? DWDDrrrrr komt dagelijks naar ons toe vanaf het terrein van de voormalige Westergasfbriek. Omdat het zoveel boeiende  'gas'ten heeft? Stomme woordspelingen, ja, vertel mij wat! Die stupide manier waarop programmamakers denken is, vrees ik, besmettelijk.


dinsdag 2 februari 2016

ACHTERUITGANG

Ik zag een kop in Het PAROOL: 'Stadsdeel Zuid wist al maanden van achteruitgang Heineken Experience'. Ik was enigszins verbaasd, omdat ik het idee had dat de voormalige Heineken Brouwerij nog altijd een zeer populaire bestemming is onder de bezoekers van Amsterdam. En wat zou het Stadsdeel Zuid dan aan de achteruitgang moeten doen, vroeg ik mij af.

Toen ik wat verder las begreep ik dat ik onder 'achteruitgang' niet moest verstaan een afname van de populariteit en daarmee van het aantal bezoekers, maar aan 'een uitgang (van het gebouw) aan de achterzijde'. Die achteruitgang komt dan uit op het Marie Heinekenplein.

Het terrein omgeven door Stadhouderskade, Ferdinand Bolstraat, Quellijnstraat en de Eerste Van der Helststraat (binnen de blauwe lijn) werd vroeger geheel ingenomen door de Heineken Brouwerij.



Na de afbraak van een groot deel van de gebouwen van de brouwerij kwam er plaats voor een flatgebouw, een supermarkt en dus het plein. Aan het plein liggen diverse horecagelegenheden met terrassen, waar het bij zonnig weer aangenaam toeven is.

De eerste jaren (1998 en volgende) dat ik weer in Amsterdam woonde was ik lid van het bestuur van het Amsterdams Patiënten/ConsumentenPlatform  (APCP), dat over kantoor- en vergaderruimte beschikte op de hoek van de Quellijnstraat en Eerste Van der Helststraat (X). Voorafgaande aan en na afloop van besprekingen/vergaderingen bij het APCP, bezocht ik vrij vaak, al of niet in gezelschap van medewerkers/medebestuursleden van het APCP,  het Maria Heinekenplein. Ik ken er de sfeer dus vrij goed.

De buurt is gefrustreerd omdat het buurtplein volgens hen steeds meer het karakter krijgt van een uitgaansplein voor toeristen en horecapubliek uit de hele stad, waar het er nu met name overdag nog redelijk gemoedelijk is.

Die buurtbewoners, naar ik aanneem vooral de bewoners van de flat aan het plein, vertonen hetzelfde gedrag als mensen die gaan wonen in nieuwbouw in een voorheen aantrekkelijk landelijk gebied: nadat zij er zijn komen wonen mag er niets meer veranderen, want dat tast de aantrekkelijkheid van dat gebied aan. De toeristen mogen niet op 'hun' plein komen. Het liefst zouden al die yuppen waarschijnlijk zien dat al die toeristen 'hun' Pijp en 'hun' Albert Cuypmarkt zouden mijden. Maar ja, op wandelafstand liggen een paar musea en een Concertgebouw en het bestuur van Stadsdeel Zuid ziet een duidelijke verbinding tussen Museumplein en Pijp. Van het Rijksmuseum loop je in een paar minuten naar de Heineken Experience. Daarna heb je wel zin in (nog) een pilsje op het Marie Heinekenplein.


maandag 1 februari 2016

VRAAG

Ik kijk graag naar sport. Afgezien van schaatsen (en soms tennis) hoef ik nooit hele tournooien of wedstrijden te zien en kan ik dus volstaan met de samenvattingen die Studio Sport levert.

Wedstrijden en ook samenvattingen worden altijd voorzien van commentaar door een verslaggever die daarvoor heeft doorgeleerd. Dat is dus een deskundige, zowel op het terrein van de desbetreffende sport, als op het terrein van het verslaggeven. Desondanks stellen ze soms de stomste vragen (of: ze denken dat 'wij' zo stom zijn en dus van alles over het hoofd zien).

Gisteren werd verslag gedaan van het wereldkampioenschap veldrijden. Dat is niet mijn favoriete sport, maar het duurt ook zelden erg lang. Er was een Nederlandse kanshebber op de titel: Mathieu van der Poel. Op een gegeven moment raakt Mathieu bij een bocht in het parcours in een soort botsing met een Belgische renner. Daarbij komt hij met zijn tenen tussen de spaken van die Belg. Het duurt enige tijd voor beiden weer verder kunnen fietsen, maar door het incident zijn beiden ook kansloos geworden. Het incident wordt meerdere malen uitgebreid in beeld gebracht.

Na afloop  van de race gaat verslaggever met Mathieu praten en stelt de klassieke vraag: "Wat gebeurde er?" Hij weet excact wat er gebeurd is en alle kijkers weten dat ook. Wat is dat voor stomme vraag? Een beetje verslaggever kent toch die andere zeer voor de hand liggende vraag: "Wat ging er door je heen?"


zondag 31 januari 2016

OOST-WEST

Rudyard Kipling schreef ooit: "Oh, East is East and West is West, and never the twain shall meet." Ik moest daaraan denken toen ik een artikel in Het PAROOL las onder de kop Oost vs. West - waar gebeurt hét? Dat gaat dus over Amsterdam-Oost en Amsterdam-West. Met West wordt dan Oud-West bedoeld.

Volgens dat artikel zou er een soort rivaliteit bestaan tussen Oost en West. In Oost gebeurt het, zeggen ze in Oost. Nee hoor, zegt West, dit is de place to be. Waar komt de rivaliteit tussen de stadsdelen Oost en West vandaan? (...) (T)ussen de stadsdelen Oost en West bestaat een rivaliteit die er niet is tussen, zeg, Noord en Zuid. (...) Wetenschappelijk verantwoord is de discussie natuurlijk niet. Het Westkamp voert exact dezelfde argumenten aan die Oost als typerend voor Oost noemt.

Een tijd lang las je voortdurend dat Hét (whatever!) vooral in Noord gebeurde. Als je, zoals ik, een gewone inwoner van Noord bent, merk je daar niets van. Tot Hét behoren dan bepaalde restaurants, of 'culturele' evenmenten, waar de media zich mee bemoeien en waar 'je' geweest moet zijn, d.w.z. gezien moet worden tussen bekende hipsters en dat soort types, zoals 'trendwatchers'. Ene Vincent van Dijk is zo'n trendwatcher. Hij ziet een effect à la De Pijp op de loer liggen: 'West is het nieuwe yuppenparadijs geworden met als gevaar dat de écht hippe mensen, de creatives, er al niet meer willen wonen.'

Dat is geen 'gevaar', dat is juist goed. De Pijp is al onbetaal geworden voor 'gewone mensen'. Ik heb een jaar of tien in De Baarsjes (een deel van Oud-West) gewoond. Een aardige buurt, redelijk dicht bij het centrum. Toen ik daar kwam, in 1998 waren de huizen nog 'goedkoop', vergeleken bij de Pijp. God beware De Baarsjes - en de rest van Oud-West en Oost, voor de invasie van 'de écht hippe mensen'.