vrijdag 20 juli 2018

TIJDWINST

Als ik morgen naar Coolblue zou willen, bijv. voor een nieuwe wasmachine, zou ik, met het reguliere openbaar vervoer 38 minuten onderweg zijn. Bij Het PAROOL hebben ze uitgerekend dat dat 25 minuten wordt, als ik met de Noord/Zuidlijn zou gaan. Op de terugweg zou ik nog eens dertien minuten besparen. Op een hele dag zou ik dus een klein half uur ter vrije besteding, helemaal voor mezelf, overhouden.

Bij het voorgaande moet ik een aantal dingen bedenken. Bijvoorbeeld: Hoeveel keer per jaar ga ik naar Coolblue? Niet alleen kan ik de spullen die zij verkopen ook online bestellen, maar het meeste van wat zij verkopen kan ik ook aanschaffen bij de Mediamarkt of BCC, waar ik vanuit huis in 5 minuten ben.

Ik kan mij geen situaties voorstellen waarin de Noord/Zuidlijn nog meer tijdwinst oplevert. Immers, ik woon vlakbij het beginpunt en Coolblue bevindt zich vlakbij het eindpunt. M.a.w. ik leg het totale parcours van de Noord/Zuidlijn af. Mensen die zich binnenkort binnen Amsterdam via het openbaar vervoer zullen bewegen en daarbij gebruik maken van de Noord/Zuidlijn, zullen nooit meer dan dat kleine half uur winnen. Forensen zullen per dag iets langer kunnen (uit)slapen en zullen iets meer tijd hebben voor het boodschappen doen. Toeristen zullen iets meer tijd hebben voor het bezoek aan bezienswaardigheden.

Er is echter niet alleen sprake van tijdwinst. Het hele openbaar vervoer ging vanwege de Noord/Zuidlijn op schop. Veel mensen voor wie de Noord/Zuidlijn niet of nauwelijks interessant is, zullen juist meer reistijd kwijt zijn. Het lijkt me boeiend eens wetenschappelijk te onderzoeken of de Noord?Zuidlijn in totaal nu een netto tijdwinst of tijdverlies oplevert. En is de, naar mijn verwachting, magere tijdwinst nu echt een investering van ruim drie miljard euro waard?


donderdag 19 juli 2018

TERUG

In de loop van vandaag ga ik weer terug naar huis. Hoe laat weet ik nog niet. Dat hoor ik pas, als er een arts langs komt. In ieder geval doen de longen het weer goed. Vooral aan mijn benen is te zien dat er hoop overbodig vocht uit mijn lichaam verdwenen is. Mijn nogal variërend hartritme, waar ik overigens in de dagelijkse praktijk nauwelijks last van had, is weer redelijk gestabiliseerd.

Al met al was het geen onaangename, korte, all inclusive, vakantie. Er was alleen geen alcohol, maar die zou er thuis ook niet geweest zijn.


woensdag 18 juli 2018

GEZELLIG

Gistermiddag kreeg ik een zeer plezierige mededeling: er wordt verder gewerkt aan het verdrijven van het teveel aan vocht in mijn lichaam, maar dat gaat niet langer meer via een infuus, maar met tabletten. Ik heb een bloedhekel aan infusen. Je moet voortdurend zo'n paal met je mee slepen en de snoertjes blijven voortdurend overal achter hangen. Ik had wel een rollator waarop die paal bevestigd kon worden, maar de infuusvloeistoffen gingen via een kastje dat aan een stopcontact verbonden moest zijn om de accu geladen te houden. Als ik een plasje moest doen, moest ik dus eerst de stekkers eruit halen. Die moesten er weer in als ik terug kwam en zoveel ruimte heb je ook weer niet om rond je bed te manoeuvreren.

Met de longen gaat het gelukkig al weer een stuk beter. Ik ben niet meer volledig buiten adem als ik naar het toilet ben geweest.

Vannacht heb ik eindelijk weer eens een flinke tijd aan één stuk door kunnen slapen, maar uitgeslapen ben ik nog lang niet. Ik wilde vanochtend nog wat meer slapen, maar dat kwam er niet van. Als er niemand bloeddruk kwam opmeten, kwam er wel iemand vragen wat ik vanavond wil eten en weer iemand wilde weten of ik wilde meedoen aan een onderzoek naar het ijzergehalte in het bloed. Ik hoef daarvoor niets extra's te doen, ze gebruiken gewoon materiaal (bijv. bloed) dat ze toch al hadden afgenomen voor ander onderzoek.

Vanmiddag ga ik o.l.v. een fysiotherapeut ademhalen in groepsverband. Lijkt me reuze gezellig.


dinsdag 17 juli 2018

ZUURSTOF

Nog een aardig verhaaltje dat pas bij de huidige tijdgeest. Zondagavond vroeg ik aan dienstdoende (vrouwelijke) verpleegkundige of ik wat extra zuurstof mocht. Dat is een kleine moeite: even een knopje op de muur achter het bed omzetten en een kabeltje om mijn hoofd draperen. Fluitje van een cent.

De verpleegkundige maakte een grapje dat ze waarschijnlijk niet voor de eerste keer maakte: "Wilt u mond op mond of gewoon uit de muur?" Ik was niet in de stemming om met een grapje te reageren en riep dus zoiets als: "Doe maar gewoon uit de muur."

Stel je nu voor dat dezelfde grappige opmerking gemaakt werd  door een mannelijke verpleegkundige tegen een vrouw die nogal onder de indruk was van 'MeToo'.  Dat zou een rel kunnen worden. Bedenk zelf maar of je dat wel of niet terecht zou vinden.


TELEMETRIE

Ik heb weer vaak geplast vannacht, zo'n één keer per half uur. Ik heb dus niet aangenaam geslapen.

De activiteiten van mijn hart worden ook gevolgd via telemetrie. Er is een aantal elektroden op mijn borst geplaatst, die continu gegevens doorgeven aan een kastje dat ook continu aan mijn nek hangt. Dat kastje zendt die gegevens weer door aan een centraal punt, bij de intensive care, waar ze worden bestudeerd en geanalyseerd en tot medisch handelen zullen leiden.

Het systeem werkt (nog?)  niet perfect. Ik ben al diverse keren door een verpleegkundige aangesproken met de mededeling dat ik voor dat centrale punt onzichtbaar ben. Ik draag dat kastje nog geen 24 uur, maar intussen is het al aan zijn vierde accu bezig. De elektroden en de daarbij behorende aansluitingen zijn al diverse malen gecontroleerd. Al twee keer zijn alle elektroden, o.a. om een uur of zes vanochtend, vervangen. Wat zijn ze toch knap tegenwoordig! Ik had al tegen de verpleegkundige van de nachtdienst gezegd dat het misschien handiger zou zijn het kastje te vervangen. Ze dat dacht niet dat erin zat. Maar wie schetst mijn verbazing toen de verpleegkundige van de dagdienst spontaan mededeelde dat ze naar de IC ging om het kastje te vervangen.

Ik lig op een driepersoons kamer en de huidige bezetting mag je rustig internationaal noemen. Toen ik (Amsterdammer met Drentse achtergrond) hier kwam lag er al een Kroaat, die tijdens de Joegoslavische burgeroorlog hier asiel gekregen had. Hij is geen veelprater. Gisteren kwam er een Fransman bij. Geen toerist, hij woont en werkt hier al vier jaar. Hij spreekt Engels.

Vanochtend kreeg ik en vanmiddag krijg ik weer een van de meest smerige drankjes die ik ooit heb ingenomen: kaliumchloride. Ik hoop dat het bloedonderzoek van hedenmiddag uitwijst dat het kaliumgehalte van mijn bloed weer op het normale niveau zit.


maandag 16 juli 2018

RITME

Begin maart lag ik een kleine week in het OLVG Locatie West. Ja, dat is een ziekenhuis. Dat is dus al weer vier maanden geleden. Hoog tijd  voor een nieuw verblijf in een ziekenhuis. Gisterochtend tussen zes en zeven arriveerde ik per ambulance in het BovenIJ Ziekenhuis.

Wat nu weer? Het begon een week of twee geleden. Op mijn saturatiemeter, die het zuurstofgehalte in mijn bloed aangeeft, kan ik ook mijn hartslag zien. Die was rond één uur 's nachts, 140 per minuut. Wel wat aan de hoge kant. Ik besloot de huisartsenpost te bellen. Ik legde de situatie eerst aan een assistente uit. Intussen was mijn hartrite gedaald tot 68. De assistente zei dat ze een huisarts zou vragen mij te bellen. In de ongeveer tien minuten dat dat duurde, steeg het hartritme tot 150. De huisarts zag nog geen directe aanleiding tot actie, maar adviseerde mij de volgende dag contact op te nemen met mijn eigen huisarts. Dat deed ik niet meteen de volgende dag, maar de dag daarop. De volgende dag had ik van 13:30 tot 1:00 uur elk kwartier de hartslag opgenomen.  Dat leidde tot de volgende grafiek:
Die grafiek zette ik ook op mijn tablet. De huisarts was enthousiast, niet over  dat nogal onrustige hartritme, maar over de duidelijkheid waarmee de patiënt (ik dus) zijn probleem duidelijk maakte. Dat zouden meer patiënten moeten doen. De huisarts adviseerde mij de dosis van mijn bètablokker, de pil die dagelijks mijn hartritme reguleert te verhogen van 100  naar 150 mg. Zou dat na een week niet helpen dan, zou een verhoging tot 200 mg overwogen kunnen worden.

De nacht van afgelopen zaterdag op zondag sliep ik slecht. Om 4:30 uur werd ik (weer) wakker. Het aantal hartslagen per minuut lag boven de 150, maar goed, dat had ik eerder meegemaakt. Erger was dat mijn gang naar de keuken, een afstand van een meter of vier, ertoe leidde dat ik naar adem stond te happen. (De afgelopen vier maanden ging het juist zo goed.) Dus maar weer de huisartsenpost gebeld. Huisarts kwam en niet veel later de ambulance. Na enige onderzoek werd in de loop van de ochtend duidelijk dat er vocht achter mijn longen zat. Vandaar dat de longen wat moeilijk deden.

Ik werd overgeplaatst van Acute Opname naar Cardiologie. Daar besloot  men allereerst wat te doen aan dat overtollige vocht. Vanochtend bleek dat ik binnen een dag vier kilo was afgevallen, oftewel vier liter vocht was kwijtgeraakt, dankzij een stofje dat via een infuus in mijn lichaam wordt gepompt. IK deed al die tijd elk kwartier een plasje. (Ik heb afgelopen nacht niet geweldig geslapen.)

Vanmddag werd een echo van mijn hart gemaakt. Dat zag er best goed uit. De komende dagen zal worden bekeken of met medicijnen weer een normaal hartritme bereikt kan worden. Ik ben benieuwd.


zaterdag 14 juli 2018

NAAM

Vanmiddag keek ik naar Wimbledon. Tussen de games en sets door richten de cameramensen hun camera nogal eens op bekende mensen in het publiek. Diverse keren werd die camera gericht op twee schoonzussen, allebei ook nog eens hertogin, de een van Cambridge, de ander van Sussex. Maar zo werden ze door de commentatoren niet genoemd. Die hadden het over Kate Middleton en Meghan Markle.

Begrijp me goed: ik heb niets met koningshuizen. Je zult mij dus niet horen zeggen dat het van weinig respect getuigt, dat beide dames niet met hun huidige, door huwelijk verkregen, titel, maar met hun meisjesnaam (hun eigen naam dus) werden aangeduid. Ik vind het alleen een beetje vreemd.

Toen Máxima door haar huwelijk met Willem-Alexander van burgermeisje prinses werd, werd ze, bij mijn weten, in de Nederlandse media nooit meer aangeduid als Máxima Zorreguieta, maar altijd als prinses Máxima.

Als je vaker naar Wimbledon hebt gekeken, heb je gezien dat de prijzen wel eens worden uitgereikt door ene Katharine Worsley. Maar zo werd/word ze niet genoemd. 'Ze' noem(d)en haar, niet geheel onterecht, hertogin van Kent.

Hebben die commentatoren ineens last van feminisme?